202202 - radicalisering.png
Provider image

Sinds 1 februari zet de VVSG, met de steun van de Vlaamse regering, nog meer in op de lokale strategie betreffende radicalisering. Ze start namelijk een intensief begeleidings- en coachingstraject voor de LIVC’s R om lokale besturen te ondersteunen in hun omgang met gewelddadige radicalisering.

De Lokale Integrale Veiligheidscellen inzake radicalisme, extremisme en terrorisme, de LIVC’s R, zijn niet meer weg te denken uit de behandeling van gewelddadige radicalisering. Ze zijn een multidisciplinair platform waar op initiatief van de burgemeester politiediensten, preventiediensten en lokaal bestuur samen zitten om via een casusgerichte methodiek geradicaliseerde individuen intensief op te volgen. Met de LIVC’s R hebben de burgemeesters een instrument in handen om individuen die een gevaar vormen voor zichzelf en/of de samenleving een halt toe te roepen en de nodige inspanningen te leveren om hen te re-integreren in de maatschappij.

 

Alle vormen van radicalisering

Lokale besturen hebben een taak als regisseur in de strijd tegen alle vormen van radicalisering. Het gaat allang niet meer over slechts één vorm van radicalisering, radicalisering varieert van religieus tot politiek extremisme. De LIVC’s R zijn dé spil van dit beleid, dat steeds wendbaar moet zijn in de veranderende maatschappij waarin ook online haatspraak een realiteit is geworden. OCAD, het coördinatieorgaan voor de dreigingsanalyse, toonde dit eind 2021 aan in een rapport waar het zijn bezorgdheid uitte over de stevige weerstand tegen de coronamaatregelen. De onverwacht grote opkomst bij betogingen die naast bezorgde burgers ook extremistische groeperingen lokken, illustreert dit. Over die groeperingen stelde OCAD dat het ‘zeer plausibel is dat ze getracht hebben deze betoging te kanaliseren en te instrumentaliseren’.

 

Begeleiding en coaching

Het nieuwe decreet van 21 mei 2021, dat we in de editie van Lokaal van november 2021 van naderbij bekeken, schetst een duidelijk kader voor het delen en verwerken van gevoelige informatie bij de opvolging en begeleiding van individuen. Maar de LIVC’s R zijn nog niet in alle steden en gemeenten geïnstalleerd. Uit een onderzoek van de VVSG in 2020 bleek dat elf procent van de respondenten geen plannen had om er een op te starten. Dat is opmerkelijk, want de oprichting ervan is verplicht door de wet van 30 juli 2018. Redenen die gemeenten aangeven om geen LIVC R op te richten zijn de afwezigheid van signalen van radicalisering, het ontbreken van de behoefte aan een platform en een gebrek aan capaciteit of ondersteuning voor het opstarten ervan.

Aan die behoeften wil de VVSG tegemoetkomen met een nieuw project, door steden en gemeenten op maat te ondersteunen in hun werking. Of ze nu in de opstartfase zitten, of al een goed draaiende LIVC R hebben. Het EMMA-project (Evaluation and Mentoring of Multi-Agency workings in the prevention of violent radicalisation) dat in 2022 afloopt, leverde hiervoor veel expertise op. Er werd een intensief evaluatie- en begeleidingstraject ontwikkeld bij Vlaamse, Nederlandse en Duitse multi-agency-structuren. EMMA resulteerde ook in een zelfevaluatie-instrument en een methodologie om de werking en structuur van een multi-agency continu te verbeteren. Deze kennis zal in het nieuwe traject gevalideerd en verder ontwikkeld worden. Zo zal er worden ingezet op het ondersteunen van lokale besturen bij de monitoring en evaluatie van de LIVC’s R en zal inter- en supervisie worden gefaciliteerd om de multi-agency-werkwijze toekomstgericht vorm te geven. Er zal in dit nieuwe project ook over de taalen landsgrenzen worden gekeken voor inspirerende multi-agency-praktijken. Daarnaast zal er een kennisplatform worden opgericht voor het ontsluiten van procedures en inspirerende praktijken op het vlak van multi-agency in binnenen buitenland. —

 

Maarten Dewaele is coördinator Preventie Gewelddadige Radicalisering en Polarisering bij de VVSG en Katrien Van Mele is coördinator Netwerk Radicalisering bij de VVSG
Voor Lokaal 02 | 2022

 

Heb je interesse in dit begeleidingsen coachingstraject? Neem dan contact op met de VVSG via katrien.vanmele@vvsg.be

 

De ervaring en kijk van twee burgemeesters

De burgemeesters spelen een sleutelrol in de LIVC’s R. Drie jaar na de oprichting ervan maken Jo Brouns, burgemeester van Kinrooi, en Koen Metsu, burgemeester van Edegem, een voorlopige balans op en richten ze hun blik op de toekomst. Islamitisch extremisme mag dan wel de aanleiding geweest zijn voor de oprichting van de LIVC’s R, de scope is intussen veel ruimer. ‘Elke vorm van extremisme die mogelijk kan leiden tot actieve daden van onwettig gedrag moet worden opgevolgd,’ zegt Koen Metsu. Jo Brouns vult aan: ‘Er zijn vandaag heel wat veiligheidsfenomenen die ons zorgen baren, die onderhuids leven en ontwrichtend kunnen zijn voor de samenleving.’

 

Is de LIVC R het juiste instrument om die op te pakken?

Jo Brouns: ‘Ja, omdat ze met veel verschillende partners en met aandacht voor integrale veiligheid naar die personen en groepen in de gemeenschap kijkt. Initieel was de LIVC R bedoeld om zware casussen te bespreken. Vanuit die ervaringen kunnen we nu meer de nadruk leggen op preventie, op het voorkomen van radicalisering en criminaliteit in het algemeen.

 

Op welke moeilijkheden of grenzen botst de LIVC R daarbij?

Koen Metsu: ‘Als er voldoende sleutelfiguren zijn in de omgeving van personen die beginnen te radicaliseren en we een risico voldoende vroeg detecteren, dan ben ik ervan overtuigd dat de LIVC R mensen tijdig weer op het juiste pad kan brengen of kan voorkomen dat ze verder evolueren op het foute pad. Maar net de personen die onder de radar blijven en waarop geen enkele overheidsdienst, sociale partner, maatschappelijke sleutelfiguur zicht heeft, baren ons zorgen.’

Jo Brouns: ‘We weten dat extreem gedachtegoed en radicalisering online zeer goed gedijen. Het is zeer moeilijk om de brug te slaan naar jongeren die daar op allerlei online fora mee bezig zijn. Onlangs heeft onze LIVC R-werking samen met de stad Mechelen een project opgezet met een online game. Door de game te spelen willen we laagdrempelig contact leggen met jongeren om te weten wat hen bezighoudt, waarover ze zich zorgen maken. We willen een band met hen opbouwen, lang voordat er sprake kan zijn van eventuele radicalisering. Het project loopt pas, voor een eerste evaluatie is het nog te vroeg.

 

Wat is er noodzakelijk voor de goede werking van een LIVC R?

Koen Metsu: ‘Vertrouwen tussen de gesprekspartners aan de tafel. Het Vlaams decreet van mei 2021 waardoor deelnemers die onder de Vlaamse bevoegdheid vallen – zoals de justitiehuizen, het onderwijs, de centra voor geestelijke gezondheidszorg, sportorganisaties – loyaal kunnen meewerken aan de LIVC R en er een gedeeld beroepsgeheim wordt ingevoerd, is een grote stap vooruit. Maar het vertrouwen moet uiteraard nog verder groeien.’

Jo Brouns: ‘Het decreet maakt het mogelijk dat vertrouwen te winnen en op een correcte manier om te gaan met het beroepsgeheim. Dat moet inderdaad groeien. We stellen vandaag bijvoorbeeld vast dat er bij het onderwijs soms nog koudwatervrees is. Scholen nemen nog te vaak pas contact op met de LIVC R, als er zich al ernstige incidenten hebben voorgedaan, terwijl het zeer zinvol kan zijn om al in een vroeger stadium informatie te delen met bijvoorbeeld de politie, de jeugddienst, de straathoekwerker of jeugd- en socioculturele verenigingen.’

 

Welke plaats ziet u voor de VVSG in de versterking van de LIVC R-werking?

Jo Brouns: ‘Het delen van goede praktijken staat nog in de kinderschoenen. De kennisopbouw kan nog beter ondanks alle inspanningen van de VVSG de voorbije jaren. Het nieuwe kennisplatform van de VVSG kan bijdragen aan de uitbouw van een integraal veiligheidsbeleid in alle gemeenten. De multidisciplinaire aanpak en de integrale benadering zijn nog lang niet overal ingebed.’

Koen Metsu: ‘Daar ben ik het helemaal mee eens. Bij goede praktijken denk ik bijvoorbeeld aan een model van huishoudelijk reglement of samenwerkingsprotocol voor de vaste partners in een LIVC R. Voor ad-hocdeelnemers kan een beknopte modelfiche nuttig zijn met uitleg over de LIVC R, de verwachtingen, de juridische mogelijkheden en beperkingen.’ —

 

Bart Van Moerkerke is redacteur Lokaal