2022Lokaal04 - In contact met Jel Keymeulen.png
Provider image

‘Ik ben de madame van de grote feesten.’ Jel Keymeulen begint zelf hardop te lachen, wanneer ze dat antwoordt op de vraag waar ze als buurtwerkster het meest voldoening uit haalt. ‘Het is zo leuk om die evenementen telkens op te bouwen. Maar ik doe eigenlijk alles aan mijn werk graag.’ De buurtwerker is een soort BV van de wijk, vindt ze. ‘Je moet eraan wennen dat je heel zichtbaar bent, en continu aanspreekbaar. Vaak zwaaien en lachen. Je leven speelt zich niet af op kantoor, maar op straat tussen de mensen.’

  • Jel Keymeulen
  • Buurtwerkster in Dampoort, een van de 25 Gentse stadswijken.
  • Jel is buurtwerkster sinds 2018, tevoren was ze actief in de sociale hulpverlening.
  • Jel werkt samen met de wijkregisseur en de straathoekwerkster, zet de verschillende diensten en verenigingen in de wijk mee in en kan rekenen op een ploeg van trouwe vrijwilligers. Heel haar werk staat in het teken van ontmoeting en verbinding tussen de bewoners van de buurt.
  • Feesten en feesten organiseren zit Jel in het bloed. Dat gevoel draagt ze over op anderen, met positief resultaat.

‘Neem nu de iftar voor de buurt die we voor het derde jaar op rij gaan organiseren tijdens de ramadan,’ legt Jel Keymeulen uit. ‘Die zou er niet gekomen zijn als een Turkse bewoonster me daarover niet had aangesproken op straat. Ondertussen is het al traditie geworden.’ Dat een buurtwerker vooral feesten zou organiseren, is wel wat kort door de bocht. Het Gentse buurtwerk valt onder de stadsdienst Ontmoeten en Verbinden, en die naam vat voor Jel Keymeulen goed samen waar het om draait.

‘Wij zetten activiteiten op om mensen bij elkaar te brengen, vanuit de overtuiging dat je je meer thuis voelt in je eigen wijk wanneer je andere bewoners ontmoet en er een band mee hebt. Dat gaat van grote evenementen zoals onze nieuwjaarsreceptie met nieuwjaarsontbijt en een Buitenspeeldag waar je toch ook zo’n 300 mensen bijeenkrijgt, tot kleinere activiteiten zoals ’t Overeten, waar we om de twee weken met een aantal wijkpartners en vrijwilligers koken en buurtbewoners gratis kunnen komen eten.’ De bewoners zetten dit kookproject op in samenwerking met armoedevereniging Sivi, het wijkgezondheidscentrum, het lokale dienstencentrum en de straathoekwerkster. ‘Het was voor ons ook een manier om aan de buitenwereld en het stadsbestuur te tonen dat er nood is aan een plek om gezond en goedkoop te eten, want we blijven voorlopig de enige buurt zonder sociaal restaurant,’ zegt Jel. Dat laatste zou er nu komen in de vlakbij gelegen Heilig Hartkerk, die herbestemd is en tegen 2023 heringericht wordt als buurt- en ontmoetingscentrum.

Waar er weinig spontane ontmoetingen of gezamenlijke activiteiten plaatshebben, geeft de buurtwerkster stimulansen: met een buurtpicknick in een van de parkjes bijvoorbeeld, of de inrichting van een minder bezocht pleintje met eenvoudig straatmeubilair, waarbij ze bij bewoners polst of die het samen willen onderhouden. ‘Rond een plein dat nogal geclaimd werd door hangjongeren, organiseerden we buurtvoetbalwedstrijden,’ vertelt Jel Keymeulen. ‘Je hebt dan ook meteen de ouders van die jongeren mee. Buurtbewoners merkten daardoor dat er in de jongeren ook wel meer dan overlast zat, dat ze benaderbaar waren.’

Jel doet haar werk niet alleen, ook al is ze de enige buurtwerkster voor de Dampoortwijk. ‘Per wijk heb je ook een wijkregisseur, die enerzijds inzet op stadsvernieuwing en ook bezig is met sociale problemen, en een straathoekwerker voor het luik hulpverlening. Met die mensen werk ik nauw samen. Ieder van ons vangt ook veel signalen op die nuttig zijn voor het werk van de ander. Zo sta ik ’s woensdags tijdens de boerenmarkt op het kerkplein met een koffiekar. Daar ben ik dan dikwijls ook onbewust de buurtbewoners aan het informeren over zaken die ik vernomen heb van de wijkregisseur, zoals het mobiliteitsplan of de nieuwe invulling van het kerkgebouw.’

Dat ze zelf lang actief was in de sociale hulpverlening voor ze vier jaar geleden buurtwerkster werd, ziet Jel Keymeulen als een pluspunt voor de job. ‘Je hoeft niet per se sociaal werk te hebben gedaan als buurtwerker, maar die achtergrond helpt me zeker bepaalde moeilijke levenssituaties bij bewoners te herkennen en te begrijpen,’ zegt ze. Via de straathoekwerkster komen mensen in een kwetsbare situatie die daar behoefte aan hebben, soms helpen bij het buurtwerk. Ook op die manier is er uitwisseling en sociaal contact. ‘Het buurtwerk is enorm afhankelijk van vrijwilligers,’ gaat Jel voort. ‘Zonder die mensen geen buurtwerk.

Gelukkig is er een vaste kern van een twintigtal vrijwilligers die de meeste activiteiten kunnen ondersteunen.’ En verder schakelt ze zoveel mogelijk partners in de wijk in, zoals de plaatselijke vereniging voor jeugdwelzijnswerk maar ook de basisscholen in de buurt. Vóór de coronacrisis maakte ieder schooltje om de beurt soep die dan wekelijks op woensdag werd uitgedeeld tijdens de boerenmarkt. Dat beurtrolsysteem wil ze nieuw leven inblazen. ‘Corona is trouwens hard geweest voor het buurtwerk. Ontmoetingsactiviteiten waren een tijd lang niet mogelijk. Bewoners die geen tuin hebben of met velen in een kleine ruimte leven, verloren zo een laagdrempelige toegang tot sociaal contact. Nu zijn we blij dat alles weer op gang komt en dat we weer dingen mogen organiseren.’

En kan ze in de wijk iedereen bereiken die ze wil bereiken? ‘Nee, dat gevoel heb ik niet. Daar is de wijk ook veel te groot voor. Maar het opzet hoeft ook niet te zijn dat je iedereen in de wijk kent. Wel dat je zoekt welke ontmoetingsactiviteit bij welk stuk van de buurt past om sociaal contact en verbinding te stimuleren. Er zijn trouwens ook de zogenaamde sterke bewonersgroepen, mensen die zich in hun eigen straat samen engageren en subsidies kunnen aanvragen voor bijvoorbeeld een straatreceptie, rommelmarkt of nieuwjaarsdrink. Die helpen we bij de aanvraag, bij het lenen van materiaal, het drukken van flyers voor een activiteit, maar voor het overige laten we ze zelfstandig actief zijn. Ook dat is buurtwerk, in een meer ondersteunende rol. Hoe dan ook is dit een heel dankbare job, want je werkt aan iets heel positiefs. Ik kom zelden mensen tegen die ontevreden zijn.’ —

 

Pieter Plas is hoofdredacteur van Lokaal
Voor Lokaal 04 | 2022