Een vlotte en rechtszekere vergunningverlening is al langer een belangrijke bezorgdheid van lokale besturen. Gemeenten zetten hier dagelijks sterk op in. Voor het regelgevend kader dat een robuuste en rechtszekere vergunningverlening mogelijk maakt, ligt de bevoegdheid echter bij de Vlaamse overheid. Met het recente ‘Actieprogramma Rechtszeker en Robuust Vergunnen’ geeft de Vlaamse regering aan hoe zij de vergunningverlening wil verbeteren.
Vooroverleg: hoe concreet invullen?
In het actieprogramma wordt onder meer een recht op vooroverleg voorgesteld. Voor de VVSG rijzen daarbij enkele praktische vragen. Hoe moet dit recht concreet worden ingevuld? Moet er bijvoorbeeld een formeel spoor van het overleg worden bijgehouden? Hoe worden adviesinstanties bij het vooroverleg betrokken? En wat gebeurt er als een initiatiefnemer van oordeel is dat het vooroverleg onvoldoende heeft plaatsgevonden?
Gemeenten vinden vooroverleg belangrijk en zetten daar vandaag al op in. Tegelijk vragen ze voldoende vrijheid om dit overleg zelf te organiseren volgens de lokale context. De VVSG vindt het daarom niet noodzakelijk om het vooroverleg decretaal als een recht vast te leggen.
Afwijken van het advies van de omgevingsambtenaar
Een tweede aandachtspunt is de manier waarop colleges omgaan met het advies van de gemeentelijke omgevingsambtenaar. Het actieprogramma stelt voor om de bijzondere motiveringsplicht af te schaffen wanneer een college van dat advies afwijkt.
Vanuit het principe van het primaat van de politiek begrijpt de VVSG deze keuze. Tegelijk vragen we om de gevolgen ervan goed op te volgen. Het is belangrijk te monitoren of deze wijziging wel degelijk een positieve impact heeft op de rechtszekerheid van vergunningen en op de kwaliteit van de leefomgeving. Daarnaast vragen lokale besturen duidelijke richtlijnen over hoe zij dan wel juridisch correct omgaan met het advies van de omgevingsambtenaar wanneer ze daarvan willen afwijken. De VVSG benadrukt tot slot dat het positief is dat de decretaal vastgelegde onafhankelijkheid van de omgevingsambtenaar behouden blijft.
Impact op de gemeentelijke werklast
Het actieprogramma bevat meer dan 140 voorstellen, die samen een aanzienlijke impact kunnen hebben op de gemeentelijke werklast. Die kan enerzijds toenemen, bijvoorbeeld door meer in te zetten op vooroverleg en doordat aanvragers tijdens de procedure hun aanvraag steeds kunnen aanpassen.
Anderzijds zijn er ook maatregelen die de werklast kunnen verminderen. Zo moet in eerste aanleg nog slechts één openbaar onderzoek worden georganiseerd. Daarnaast belooft de Vlaamse overheid verdere verbeteringen aan het Omgevingsloket, zoals de mogelijkheid om een stedenbouwkundig attest digitaal aan te vragen en de mogelijkheid om ontwerpdocumenten voor vooroverleg op te laden in dat loket.
De VVSG pleit ervoor om vooraf een grondige inschatting te maken van de impact van de nieuwe regels op lokale besturen.
VVSG betrokken via klankbordgroep
De VVSG ondersteunt een groot deel van de voorgestelde initiatieven, maar veel hangt ook af van de concrete uitwerking van het Actieprogramma. Omdat de meeste vergunningsbeslissingen door lokale besturen worden genomen, is het belangrijk dat gemeenten nauw betrokken blijven bij de verdere uitwerking.
Daarom neemt de VVSG deel aan een klankbordgroep die de Vlaamse overheid adviseert bij de uitwerking van de maatregelen. Nog vóór wijzigingen aan regelgeving worden voorgelegd aan de Vlaamse regering of het Vlaams Parlement, kunnen we dus aandachtspunten of gevoeligheden signaleren.