Verontrustende situaties bij kinderen signaleren? Nieuwe afspraken vanaf 2027
Lokale besturen en kinderopvangvoorzieningen zijn belangrijk om mee vroegtijdig verontrustende situaties bij kinderen op te merken. Vanaf 1 januari 2027 veranderen de afspraken voor de opvolging van die situaties. Voor de kinderopvang blijft het Vertrouwenscentrum Kindermishandeling (VK) het eerste aanspreekpunt voor advies en ondersteuning. Het Ondersteuningscentrum Jeugdzorg (OCJ) krijgt een duidelijkere rol wanneer vrijwillige hulpverlening niet mogelijk is of onvoldoende bescherming biedt. De Vlaamse overheid wil zo meer duidelijkheid creëren voor gezinnen en professionals en kinderen beter beschermen.
VK en OCJ krijgen een duidelijke rol
Vandaag lopen de opdrachten van de Vertrouwenscentra Kindermishandeling (VK) en de Ondersteuningscentra Jeugdzorg (OCJ) deels door elkaar. Vanaf 2027 krijgt elke organisatie een duidelijk afgebakende opdracht.
Het VK blijft verantwoordelijk voor:
- advies en consult, ook anoniem;
- ondersteuning van professionals;
- gesprekken met gezinnen;
- vrijwillige hulpverlening (= ouders gaan akkoord met hulp en werken er actief aan mee) opstarten.
Het OCJ beoordeelt of een verdere tussenkomst nodig is als vrijwillige hulpverlening niet mogelijk is of onvoldoende bescherming biedt aan een kind.
Met die nieuwe taakverdeling kiest de Vlaamse overheid voor een duidelijkere en transparantere aanpak van verontrustende situaties.
Wat betekent dit voor de kinderopvang?
Voor de meeste situaties verandert er weinig. Maak je je zorgen over een kind? Dan kun je nog altijd terecht bij het VK voor advies of een melding.
Bij vermoedens van intra-familiale kindermishandeling of ernstige verontrusting kun je deze stappen volgen:
1. Vraag advies aan het VK
Bespreek de situatie, eventueel anoniem, met het Vertrouwenscentrum Kindermishandeling. Samen bekijk je hoe je het gezin kunt toeleiden naar vrijwillige hulpverlening in de buurt.
2. Meld de situatie bij het VK
Schat je in dat extra ondersteuning nodig is? Dan kun je een melding doen bij het VK. Het VK kan ouders uitnodigen voor een gesprek en vrijwillige hulpverlening opstarten.
3. Meld de situatie bij het OCJ als vrijwillige hulp niet volstaat
Is vrijwillige hulpverlening niet mogelijk of biedt die onvoldoende garanties voor de veiligheid en ontwikkeling van het kind? Blijft de situatie onveilig of werken ouders onvoldoende mee? Dan kan een melding bij het OCJ nodig zijn. Als het VK het gezin niet heeft begeleid dan kan de kinderopvang zelf een melding doen bij het OCJ in de regio. Je brengt het gezin vooraf op de hoogte van die stap.
Neem deze stap ook op in je eigen procedure voor verontrusting. Zo is voor medewerkers duidelijk wanneer en hoe ze een melding bij het OCJ doen.
Je kunt situaties ook anoniem bespreken via de hulplijn van het OCJ: Ondersteuningscentrum Jeugdzorg | Jeugdhulp(opent nieuw venster). Het OCJ onderzoekt vervolgens of een verdere tussenkomst nodig is om de veiligheid en ontwikkeling van het kind te beschermen.
Bestaande werkinstrumenten blijven geldig
Het ABC-stappenplan voor verontrusting blijft geldig. Bekijk en download de stappenplannen op de website van Opgroeien. (opent nieuw venster)
Op onze eigen kennispagina vind je ook andere werkinstrumenten voor de verantwoordelijke, kinderbegeleiders en andere vormen van ondersteuning Veiligheid en gezondheid in de kinderopvang – crisis, grensoverschrijdend gedrag en verontrusting.
Auteur
-
SofieVerhaertRegionale stafmedewerker groepsopvang baby's en peuters
Heb je een vraag over de inhoud van dit artikel?
Contacteer onsUp to date blijven?
Blijf op de hoogte van het belangrijkste nieuws voor en door lokale besturen. Schrijf je in voor onze wekelijkse nieuwsbrief.
InschrijvenRelevante kennispagina's
Nieuws
-
Magazine Lokaal
Pedagogisch coach: met twee voeten in de gezinsopvang
Kinderen en gezinnen -
Magazine Lokaal
Buitengewoon gewoon: zo groeit inclusieve buitenschoolse opvang
Kinderen en gezinnen -
Nieuws
Vlaams warmteactieplan start waakzaamheidsfase
Zorg en gezondheidKinderen en gezinnenVrije tijdPublieke ruimteMilieuLokaal sociaal beleidArmoedeKlimaatadaptatie