Op 2 juli verandert het lokale politielandschap grondig. Financiële stimuli voor minder politiezones, meer slagkracht, een afgeslankt bestuur en tegelijk een sterkere belofte van nabijheid: de hervorming wil veel tegelijk. Voor ons is één ding alvast duidelijk. Elke verandering moet lokale besturen helpen om veiligheid burgernabij, democratisch en toekomstgericht te organiseren.
Lokale besturen zoeken voortdurend hoe ze diensten en bestuur dicht bij inwoners kunnen organiseren. Dat is geen detail, maar de kern van hun opdracht als eerstelijnsoverheid. Voor de lokale politie geldt dat evenzeer. Een politie die zichtbaar is in de wijk, inwoners kent en signalen vroeg opvangt, versterkt het vertrouwen in het lokale bestuur. De nieuwe norm van één wijkagent per 2000 inwoners geeft een duidelijke vertaling aan die ambitie.
Tegelijk wil minister Bernard Quintin met fusies naar minder politiezones. Grotere zones kunnen efficiënter werken, één duidelijke commandostructuur uitbouwen en zich beter voorbereiden op nieuwe veiligheidsvragen, van georganiseerde criminaliteit tot cybercrime. Die schaal kan nodig zijn, maar schaalvergroting mag geen afstand creëren. De vraag is dus niet alleen hoeveel politiezones er overblijven, maar vooral hoe elke zone de band met de wijken en met de gemeenten bewaart. Lokale verankering van de politiezorg blijft cruciaal. Zeker in politiezones met veel gemeenten vraagt dat blijvende aandacht. Kan een korpschef of een afgevaardigde nog overal voldoende uitleg geven?
Ook de federale financiering voor de lokale politie verandert principieel. De nieuwe norm wil sterker rekening houden met de werkelijke werklast in politiezones. Daarbij blijven vragen, zoals: hoe wegen we stedelijke drukte, uitgestrekte landelijke gebieden, grensfenomenen of toeristische pieken correct mee? Dit mag geen verhaal worden van stad versus platteland. Hoe vermijden we dat bestaande verschillen tussen zones nog toenemen? De financiële taart moet groter worden, anders zijn er alleen verliezers.
De hervorming raakt daarnaast het hart van het lokale bestuur. Met het verdwijnen van de politieraad verschuift het zwaartepunt naar het politiecollege. Tegelijk krijgt de gemeenteraad meer kansen om democratische controle uit te oefenen. Raadsleden kunnen vragen stellen aan het politiecollege, de burgemeester interpelleren en mee richting geven aan het mandaat voor de politiebegroting.
Die nieuwe bevoegdheden vragen ondersteuning. Weten gemeenteraadsleden voldoende wat er verandert? Krijgen ze de juiste informatie om hun rol op te nemen? De VVSG zal lokale mandatarissen hierover blijven informeren en ondersteunen.
Veel vragen blijven open. Sommige krijgen in het interview met minister Quintin een bemoedigend antwoord. Eén ding staat vast: de hervorming leeft sterk bij lokale besturen. Ons druk bijgewoonde webinar over de gewijzigde Wet op de Geïntegreerde Politie bevestigde dat. —