In Alken illustreert de oprichting van een participatieve commissie in de schoot van de gemeenteraad het gedeelde streven van alle fractievoorzitters om op een vernieuwende en verdiepende manier aan politiek te doen – waar het kan ook over de partijgrenzen heen. Lokaal ging langs bij de fractievoorzitters om poolshoogte te nemen.
Elf van de 21 verkozenen in Alken zijn nieuw in de gemeenteraad, en voor vier van de vijf fractievoorzitters is het ook de eerste keer dat ze die functie uitoefenen. ‘Na de verkiezingen werd snel duidelijk dat de nieuwe raadsleden, zowel van de meerderheid als van de oppositie, hun mandaat op een proactieve en impactvolle manier wilden uitoefenen,’ schetst algemeen directeur Pascal Giesen. ‘Hun engagement reikt bij wijze van spreken een heel stuk verder dan eenmaal per maand een aantal keren ja of nee zeggen in de gemeenteraad. En vanuit de administratie willen we dat engagement zo goed mogelijk ondersteunen.’
Sinds de installatievergadering van 8 januari namen de fractievoorzitters samen met de algemeen directeur al een reeks initiatieven om de werking van de gemeenteraad op een nieuwe leest te schoeien. Huishoudelijk reglement en deontologische code werden in consensus doorgelicht, herwerkt, geactualiseerd en bekrachtigd door de gemeenteraad, daarnaast kwam er een technisch-informatieve commissie waarin de verschillende fracties lopende dossiers technisch en financieel mee opvolgen. Maar het voorlopige klapstuk van de vernieuwde werking van de Alkense gemeenteraad is de oprichting van een zogenaamde participatieve commissie waarin raadsleden over diverse beleidszaken geïnformeerd en constructief kunnen debatteren om tot een breed gedragen advies aan de gemeenteraad te komen.
Participatie in ieders beleidsplan
De aanleiding voor dit opmerkelijke initiatief? ‘Participatie was voor alle partijen een hot item bij de verkiezingen,’ zegt Jan Robaeys (Vooruit Alken), die ook gemeenteraadsvoorzitter is. ‘Iedereen wou verandering, en participatie was daarin een belangrijk element.’ Anouck Ponsard (NVA), die de participatieve commissie voorzit, knikt en vult aan: ‘Het stond in ieders beleidsplan om daar iets rond te doen. De neuzen van alle raadsleden staan wat dat betreft in dezelfde richting, we zitten allemaal in de denkwijze om meer te luisteren naar de burger en naar elkaar, en willen het beste voor heel Alken.
Deze commissie is daar een logisch gevolg van.’ Frank Vroonen (Groen Alken), de enige ‘oudgediende’ en als schepen tegelijk het enige collegelid in de commissie, herinnert zich het proefproject voor participatieve gemeenteraden dat Alken eerder al doorliep. ‘We leerden daar veel uit,’ weet hij. ‘We onderzochten toen de mogelijkheden van aparte werkgroepen binnen de gemeenteraad zelf, maar het vaste stramien van de gemeenteraad legt aan zo’n werkwijze allerlei begrenzingen op. Het huidige format is anders.’ Soetkin Jehaes, fractieleider van oppositielijst 3570, sluit zich daarbij aan:
‘Een belangrijke beperking waar je als raadslid, zeker in de oppositie, mee moet werken is dat je maar enkele dagen tijd hebt om vragen of voorstellen toe te voegen aan de agenda van de gemeenteraad. Dat betekent ook dat de administratie heel kort op de bal moet spelen om voor die punten een reactie van de bevoegde schepen voor te bereiden. Voor complexere thema’s met veel achtergrondinformatie werkt dat heel moeilijk. Het concept dat we hier samen hebben bedacht en nu in de praktijk brengen, komt tegemoet aan die behoefte.’
Verhouding met de gemeenteraad
Met dit laatste punt is indirect aangestipt dat de commissie in geen geval een parallelle gemeenteraad wil zijn, dat zullen de leden ook met klem benadrukken. ‘Punten waarvan iedereen, meerderheid en oppositie, het belang erkent maar waarover we niet zomaar direct met een ja- of nee-stem op de gemeenteraad kunnen beslissen, dat zijn het soort zaken die naar deze commissie kunnen komen,’ legt Lori Parroni (Absoluut Alken) uit. ‘Het heeft vooral met tijd te maken.
Het gaat typisch over onderwerpen waarover je veel informatie nodig hebt en waarvoor je de tijd moet nemen om in debat te gaan en tot een degelijk besluit te komen.’ De commissie zat ondertussen een eerste keer samen om problemen met de toegankelijkheid van de diensten van het lokale bestuur en met de concessies van de begraafplaatsen te bespreken. De leden kwamen over die thema’s telkens tot een unaniem advies, dat nadien door voorzitter Anouck Ponsard op de gemeenteraad werd toegelicht. De volgende vergaderdata van de commissie zijn al vastgelegd in overleg met de administratie.
Voor de bespreking over de grafconcessies ging het om een gevoelig punt dat eerst door de oppositie op de gemeenteraad was gebracht. Jan Robeyns: ‘Vanuit de meerderheid stelden we voor dat punt te behandelen in de participatieve commissie. Het signaal dat we daarmee geven is: we zijn bereid om te luisteren en willen de tijd nemen om tot een goed besluit te komen.’ Soetkin Jehaes: ‘Bij dat punt speelden achtergrondelementen mee op zoveel verschillende niveaus dat je dat onmogelijk op een paar dagen door de administratie kunt laten uitzoeken. De commissie is dan de perfecte plek voor een laagdrempelige discussie en om te brainstormen. En aan de burgers, die zelf ook welkom zijn, laat je zien dat je iets doet met hun bekommernissen.’
Administratie en burgers mee in het bad
‘Voor de eerste commissievergadering hebben we een leidraad opgesteld,’ licht Anouck Ponsard toe. ‘Afhankelijk van het thema of de vraag stelt de algemeen directeur vooraf een expert aan, die eerst een deskundige uitleg komt geven zodat iedereen over de nodige informatie en achtergrondkennis beschikt. Dat je daarbij een idee krijgt van de werklast die met het punt in kwestie gepaard gaat voor de administratie, is op zich al een verrassende en nuttige openbaring. Daarna gaan we met elkaar in debat, maar houden we aanvullend een vragenronde bij de aanwezige burgers, die van de expert verdere antwoorden kunnen krijgen. En uiteindelijk formuleren we gezamenlijk een gefundeerd advies.’
Het element van expertise en informatie komt overeen met een nood die door doorsnee gemeenteraadsleden vaak acuut wordt gevoeld. ‘Als raadslid buiten de bestuursploeg, of je nu in de meerderheid of de oppositie zit, kom je niet zo gemakkelijk aan alle informatie,’ weet Lori Parroni uit ervaring. ‘Je bent immers niet dagelijks inhoudelijk met dossiers bezig. Dat maakt het niet eenvoudig een punt goed gefundeerd ter stemming voor te dragen op de gemeenteraad. We zijn ook bijna altijd de laatsten die zaken te weten komen, waardoor je algauw de indruk krijgt dat het beleid boven je hoofd wordt uitgetekend. Deze commissie schept een sfeer van directere betrokkenheid en vangt dat gemis deels op. Zeer positief is ook dat ze de afstand tussen raadsleden en de administratie drastisch verkleint.
Niet alleen krijgen we per thema uitleg van experts, bij aanvang van de commissie leerden we bij over de werking van de administratie en maakten we kennis met alle diensthoofden. We vinden nu veel vlotter de weg naar het gemeentehuis voor antwoorden op vragen die we van burgers krijgen, en om onze dossiers voor te bereiden.’ ‘Als beroepspoliticus ben je dag in, dag uit met dossiers bezig’, reageert Frank Vroonen. ‘Dat het verschil in expertise tussen raadsleden en schepenen daardoor heel groot is, is een spijtig maar niet te ontkennen feit, en dat leidt ook tot een spanningsveld. Kennis is een groot probleem in de werking van gemeenteraden, niet alleen in Alken maar overal. Daaraan moeten we werken. Dat raadsleden in deze commissie kennis opdoen, is in ieder geval een zeer goede zaak.’
Pascal Giesen: ‘Het engagement van de nieuwe raadsleden reikt verder dan eenmaal per maand een aantal keren ja of nee zeggen in de gemeenteraad. Vanuit de administratie willen we dat engagement zo goed mogelijk ondersteunen.'
Spanningsveld meerderheid-oppositie
Dat het een werkingsprincipe van de participatieve commissie is om over de partijgrenzen heen tot gedragen, unanieme adviezen te komen, ondergraaft voor de initiatiefnemers niet het lokale democratische bestel en het politieke spel van meerderheid en oppositie. Dat wordt in zijn waarde gelaten, terwijl de commissie op haar manier democratische meerwaarde genereert. ‘In de klassieke politieke cultuur stemt de oppositie tegen wanneer de meerderheid voor stemt, en vice versa,’ aldus Jan Robeyns. ‘Hier stappen we daarvan af en werken we samen als één team zonder dat daarbuiten meerderheid en oppositie ophouden te bestaan. Op die manier, en dankzij de ondersteuning van de administratie die waardevol voorbereidend werk levert, krijg je heel andere inzichten. De materie wordt genuanceerder, de verdeeldheid neemt af en de consensus groeit. Dat is mooi om mee te maken.
Daarnaast moet ik opmerken dat onze gemeenteraadsleden tout court vrij constructief zijn ingesteld, er is oppositie en meerderheid, maar ook in de raad is samenwerking mogelijk. De participatieve commissie draagt zeker bij tot die openheid van geest.’ Frank Vroonen is het daarmee eens: ‘Het is in Alken nooit een principiële lijn van de meerderheid geweest om elk punt van de oppositie weg te stemmen. Maar oppositieleden hebben het in de regel veel moeilijker om een uitgewerkt punt op de agenda te brengen, en wanneer een punt onvoldoende uitgewerkt is, heeft de meerderheid soms geen andere keuze dan tegen stemmen. De commissie biedt daarvoor een oplossing. Hopelijk kan ze ook een aanzet zijn om ons bestuur te organiseren naar een ruimer participatief beleid, waar naast adviesraden en burgerparticipatie ook de gemeenteraad zijn volwaardige plaats behoudt.’
De oppositieraadsleden blijven in hun rol, maar ook zij zien de unieke pluspunten van de commissie in. ‘Wij blijven de luis in de pels van de bestuursmeerderheid en blijven kritisch naar het beleid kijken,’ duidt Soetkin Jehaes. ‘Tegelijk heb je als oppositielid niet altijd het gevoel dat je iets kunt bijdragen. In deze commissie heb je dat gevoel in elk geval wel. Hier werken we samen met de meerderheid constructief aan oplossingen voor de Alkenaar. Dat de voorstellen voor de eerste zitting dan nog van onze fractie kwamen, vind ik wel uitzonderlijk.’ Lori Parroni merkt op dat het ook nu mogelijk blijft dat na het debat in de commissie niet één gezamenlijk, maar twee verschillende adviezen naar de gemeenteraad vertrekken. ‘Maar dan heeft iedereen wel zijn insteek kunnen geven en zullen de twee standpunten ook op de gemeenteraad worden toegelicht. Alleen al daardoor krijg je hier een andere manier van debat voeren.’
Samen het format bewaken en evalueren
De commissieleden zijn zonder uitzondering enthousiast over de eerste stappen die ze met dit initiatief hebben gezet, en hopen zo lang mogelijk op het huidige elan door te gaan. De leidraad en de werkwijze van de commissie krijgen nog verder vorm en kunnen uiteraard gaandeweg worden bijgestuurd en verbeterd. ‘Dat hangt af van hoe we binnen de commissie voortwerken maar ook van hoe de ruimere groep van raadsleden in de gemeenteraad ermee omgaat,’ zegt Frank Vroonen. ‘The proof of the pudding is in the eating.’
Spreken van een volledige ommezwaai in de Alkense politieke cultuur is ongetwijfeld een overstatement, maar dat de participatieve commissie een positieve evolutie is, daar is iedereen het over eens. ‘Voor ons is dit geen kortstondig experiment, we gaan voor continuïteit,’ besluit Anouck Ponsard. ‘Het gaat erom participatie en communicatie dichter bij de burger te brengen, en kortere lijnen te maken tussen het college en de gemeenteraad. We hebben nu een zaadje geplant en kijken uit naar wat ervan komt.’ —
Met dank aan Pascal Giesen, algemeen directeur Alken.
Auteur
-
PieterPlasHoofdredacteur Lokaal
Foto
- Stefan Dewickere
Heb je een vraag over de inhoud van dit artikel?
Contacteer onsMeer weten over
Up to date blijven?
Blijf op de hoogte van het belangrijkste nieuws voor en door lokale besturen. Schrijf je in voor onze wekelijkse nieuwsbrief.
InschrijvenNieuws
-
Magazine Lokaal
Estafette Loes Vandromme
Bestuur en burger -
Nieuws
Hulp bij je belastingaangifte
Bestuur en burger -
Magazine Lokaal
Van studentenkoten tot galerijgraven
Bestuur en burger