Een beschermd kloostergebouw uit 1937 kreeg in Leuven een toekomst als bruisende plek voor kunstonderwijs, circus en buurtactiviteiten. De vernieuwde Paul Van Ostaijensite combineert historische architectuur met flexibele ruimten, parktuinen en fossielvrije energie. Zo delen uiteenlopende gebruikers één duurzame thuisbasis.
Na vier jaar renovatiewerken opende de Paul Van Ostaijensite aan de Erasme Ruelensvest opnieuw de deuren. De stad Leuven bracht er verschillende culturele en educatieve organisaties samen. De stedelijke Academie en het stedelijk Conservatorium (SLAC) geven er lessen, Cirkus in Beweging organiseert er trainingen en ook buurtinitiatieven, verenigingen en scholen gebruiken de infrastructuur.
Het hart van de site is het voormalige klooster van Victor Broos, een van de bekendste Leuvense architecten. Het monumentale gebouw uit 1937 was aan een grondige renovatie toe. Tegelijk zocht de stad geschikte ruimten voor uiteenlopende activiteiten. De renovatie bood een kans om die behoeften te bundelen en het waardevolle gebouw opnieuw een actieve rol in de buurt te geven.
Erfgoed krijgt een nieuwe invulling
Architectenbureau LAVA behield de karakteristieke art-deco- en modernistische elementen van het Victor Broosgebouw. Waardevolle materialen, raamopeningen en ruimtelijke kenmerken kregen een plaats in het nieuwe ontwerp.
De voormalige kapel onderging de meest opvallende transformatie. Ze doet nu dienst als theaterzaal en kreeg een nieuwe houten tribune. De ruimte blijft herkenbaar als kapel, maar is geschikt voor voorstellingen, concerten en andere activiteiten.
Vlak achter het kloostergebouw kwamen drie nieuwe, compacte gebouwen. Die vullen het historische complex aan zonder het te overheersen. De gebouwen vormen samen één herkenbare site rond het Paul Van Ostaijenpark.
Gebruikers delen flexibele ruimten
In het complex bevinden zich leslokalen, kantoren, ateliers, polyvalente sportzalen, kleedkamers en sanitaire voorzieningen. De stad koos bewust voor gedeeld en multifunctioneel gebruik.
Een atelier kan overdag dienen voor een tekenles, ’s avonds veranderen in een tentoonstellingsruimte en tijdens een schoolvakantie plaats bieden aan een speelpleinwerking. Ook de kapelzaal behoort niet exclusief toe aan één organisatie. De indeling maakt gelijktijdig gebruik mogelijk. Een doorgedreven akoestische aanpak voorkomt dat muzieklessen, circustrainingen en andere activiteiten elkaar hinderen. Tegelijk nodigen gemeenschappelijke ruimten gebruikers uit om elkaar te ontmoeten en samen te werken.
Parktuinen sturen het ontwerp
De ontwerpers vertrokken vanuit het bestaande groen. Op de site staan waardevolle bomen, een lindendreef en een beschermde haag. Een boomdeskundige bracht de wortelzones in kaart. Zo bepaalde het ontwerpteam waar bouwen mogelijk was zonder het bomenbestand te beschadigen.
Vier nieuwe parktuinen verbinden de gebouwen met hun omgeving. Ze variëren van een onthaalzone die als schoolpoort dient tot een wilde beeldentuin. De stad plantte bijkomende bomen en verwerkte ook groen in en op de gebouwen, met groengevels en groendaken. Nestgelegenheden in de gevels bieden ruimte aan zwaluwen en vleermuizen. Zo ondersteunt de site niet alleen kunst en ontmoeting, maar ook de stedelijke biodiversiteit.
Erfgoedgebouwen zonder fossiele brandstoffen
Een boorgatenenergieopslagsysteem, of BEO-veld, onder het park haalt warmte en koelte uit de bodem. In combinatie met zonnepanelen maakt het de volledige site CO₂-neutraal.
De dikke muren en diep geplaatste ramen benutten de thermische massa van het gebouw. Daardoor blijft het binnen ook op warme dagen aangenaam, zonder mobiele zonnewering. Het project combineert zo moderne energietechnieken met bouwprincipes die al in de historische architectuur aanwezig waren.
Ook materiaalhergebruik kreeg veel aandacht. Materialen uit gesloopte gebouwdelen werden getest en opnieuw ingezet op andere bouwwerven of via de lokale bouwhandel. Selectieve sloop hield zo zoveel mogelijk grondstoffen in omloop.
Internationale bekroning
De Architecture MasterPrize bekroonde de Paul Van Ostaijensite in de categorie culturele architectuur. De internationale jury prees de manier waarop het project erfgoedwaarde, functionaliteit en duurzaamheid samenbrengt.
De dagelijkse praktijk toont intussen de waarde van die aanpak. Kunstenaars, muzikanten, circusbeoefenaars, leerlingen en buurtverenigingen gebruiken dezelfde infrastructuur. Hun activiteiten bestaan naast elkaar en leiden ook tot nieuwe ontmoetingen en samenwerkingen. Met de vernieuwde site geeft Leuven een beschermd gebouw niet alleen een nieuwe functie. De stad maakt er een open plek van waar erfgoed, cultuur, onderwijs, natuur en gemeenschapsleven elkaar versterken. —