Salaris, toelagen en vergoedingen

Het salaris van het personeel van de lokale besturen in Vlaanderen wordt vastgelegd in sectorale akkoorden, afgesloten in het Vlaams onderhandelingscomité voor de lokale en provinciale besturen. De sectorale akkoorden zijn in de openbare sector de tegenhanger van de collectieve arbeidsovereenkomsten uit de private sector. Maar sectorale akkoorden zijn niet rechtstreeks afdwingbaar: ze moeten eerst omgezet worden in een wet, decreet of besluit. Dit is gebeurd met het Rechtspositiebesluit Gemeente- en Provinciepersoneel van 7 december 2007. In bijlage II van dit besluit staan de salarisschalen. Deze moeten nog geïndexeerd worden (x 1,7069 aan het huidige indexcijfer dat geldt vanaf 1 oktober 2018).

De salarisschalen voor het specifieke OCMW-personeel (zoals bv. verzorgenden en verpleegkundigen) zijn niet opgenomen in het Rechtspositiebesluit Gemeentepersoneel, maar wel terug te vinden in het Rechtspositiebesluit OCMW-personeel van 12 november 2010 . Ook deze salarisschalen moeten nog geactualiseerd worden (te indexeren).

De salarisschalen worden centraal ingedeeld in vijf niveaus (A, B, C, D en E) op basis van de door het bestuur vereiste scholingsgraad.

Alleen de bij wet, decreet en de in de Rechtspositiebesluiten geregelde toelagen en vergoedingen kunnen worden toegekend. Sociale voordelen zijn wel toegestaan, met respect voor en binnen de grenzen van de daarvoor geldende fiscale wetgeving en socialezekerheidsregels.

Effectief gemaakte en bewezen kosten bij de uitoefening van het ambt worden door de lokale overheidswerkgever vergoed als ze in zijn opdracht werden gemaakt.

Meer weten

Het totale bedrag van het forfaitaire gedeelte van de eindejaarstoelage 2018 bedraagt 1.280,05 euro.