Kwaliteitsstreven in nieuwe buitenschoolse kinderopvang Nieuwpoort
Tot vorig schooljaar organiseerden de Nieuwpoortse scholen hun naschoolse opvang zelf, behalve op woensdagmiddag en op vrijdagavond. Dan nam de stad het over met opvang op één centrale locatie. Maar op 1 september kwam daar verandering in. Kinderen van 2,5 tot 12 jaar zijn voortaan op alle schooldagen welkom in het gloednieuwe Jeugd- en Sportcomplex. En de ambitie gaat nog verder: Nieuwpoort is ook op weg om het kwaliteitslabel voor kleuteropvang te behalen.
We maken kennis met Lode Maesen, coördinator jeugd, sport, zwembad en kustreddingsdienst van de stad Nieuwpoort en stuwende kracht achter het initiatief. Afscheidnemend burgemeester Geert Vanden Broucke bekende onlangs dat hij Lode soms een lastigaard vindt, maar gaf ook ruiterlijk toe dat een schepencollege zulke mensen nodig heeft. Lode Maesen beschouwt die uitspraak als een compliment, en op de buitenschoolse opvang, die hij zo goed als van nul uit de grond stampte, is hij terecht heel trots. Het uitgangspunt voor het hele idee was opvang van goede kwaliteit te kunnen aanbieden. Dat was volgens Lode Maesen onmogelijk, toen de stad die opvang enkel op woensdag en vrijdag verzorgde.
Je kunt dan nauwelijks een band opbouwen met de kinderen, de ouders weten niet wie je bent, je kunt onvoldoende inzetten op een sterke pedagogische omkadering. ‘Voor mij moest er een duidelijke keuze gemaakt worden: ofwel organiseren we dagelijks opvang, ofwel helemaal niet. In het belang van de kinderen heb ik gepleit voor stedelijke naschoolse opvang.’
Alle ruimte voor kinderen
De plannen van Lode Maesen botsten op weerstand uit verschillende hoeken. De scholen zelf waren zeker niet meteen overtuigd, maar ook vanuit politieke hoek zagen ze initieel niet echt de voordelen. Het kostte hem zo’n vijf jaar om iedereen te overtuigen, maar hij liet geen gelegenheid voorbijgaan om telkens opnieuw op dezelfde spijker te kloppen.
Enkele factoren speelden wel in het voordeel van de beslissing. In het nieuwe Jeugd- en Sportcomplex was ruimte gereserveerd voor de speelpleinwerking tijdens de schoolvakanties, en het was zonde die de rest van de tijd helemaal leeg te laten staan. Na een tijd kwam er ook druk uit andere hoek, vertelt Lode Maesen: ‘Tijdens de bouwwerken waren we ondergebracht in een tijdelijke locatie, die eigenlijk niet geschikt was. We hadden ook onvoldoende personeelsomkadering, doordat er een andere organisator gestopt was, zodat er plots heel wat extra kinderen bij ons terechtkwamen. Een klacht van een ouder heeft de bal toen aan het rollen gebracht.’
Eind 2023, begin 2024 is de knoop dan doorgehakt: op 1 september 2024 zou de stad Nieuwpoort met een dagelijkse werking buitenschoolse opvang starten, voor alle scholen op het grondgebied, én ze zou een kwaliteitslabel voor de werking aanvragen.
‘Voor mij moest er een duidelijke keuze
gemaakt worden: ofwel organiseren we
dagelijks opvang, ofwel helemaal niet.
In het belang van de kinderen heb ik
gepleit voor stedelijke naschoolse opvang.'
BOA als basis
Het BOA-decreet, dat een kader biedt voor de organisatie van buitenschoolse opvang en activiteiten voor schoolgaande kinderen, leidt ertoe dat veel lokale besturen net de omgekeerde beweging maken en de verantwoordelijkheid voor de naschoolse opvang aan de scholen overlaten, maar het ligt opvallend genoeg ook aan de basis van deze keuze. Het decreet is een verhaal van samenwerken met verschillende partners. En het nieuwe gebouw waarin jeugd en sport samen onderdak vinden, ‘ademt’ BOA, vindt Lode Maesen: ‘Verschillende hoofdrolspelers zitten onder één dak. Dat doet automatisch samenwerking ontstaan. Zo zie je bijvoorbeeld dat onze sportdienst spontaan meegroeit in de BOA-filosofie. Deze nieuwbouw is dus een fundament van de werking.’
Daar komt nog bij dat Nieuwpoort zijn jeugdbeleid op een ruime manier invult. De buitenschoolse kinderopvang maakt deel uit van de jeugddienst en ook de brugfiguur onderwijs maakte de overstap van het OCMW naar die dienst. De huiswerkbegeleiding kon daardoor haar werking uitbreiden. De toegankelijkheid bewaken werd een automatische reflex. De sportdienst organiseert extra sportkansen en als ze wat ouder zijn, kennen de jongeren de weg al naar het jeugdhuis, waar ook de jeugdwerker actief is.
Samenwerken wordt onder één dak ook makkelijker. De balletklas zag bijvoorbeeld haar leerlingenaantal fors stijgen, sinds ze de dansertjes zelf komt ophalen uit de BKO. Zulke successen bieden hopelijk ook inspiratie aan andere clubs. De stad verzorgt ook het transport tussen de BKO en de tekenacademie. Ze bekijkt nu of ze iets gelijkaardigs met de muziekacademie op poten kan zetten.
Het complex is bovendien centraal gelegen en vlot bereikbaar, dicht bij de sociale woonwijk. De klemtoon op die toegankelijkheid vindt Lode Maesen heel belangrijk: ‘25% van de kinderen in onze stad groeit op in een kansarme situatie. Mensen schrikken daarvan, ze verwachten zoiets niet in een mooie kuststad. Maar hier is effectief veel armoede, vaak verdoken. Ik wil dat alle kinderen en zeker ook de kinderen die het thuis moeilijker hebben, de weg naar ons aanbod vinden. We proberen echt zo laagdrempelig mogelijk te zijn. Zo houden we onze tarieven zeer betaalbaar, werken we met een sociaal tarief en moeten ouders niet vooraf inschrijven voor de naschoolse opvang.’
“Mensen verwachten zoiets niet in een mooie kuststad, maar hier is veel armoede, vaak verdoken. Ik wil dat alle kinderen en zeker ook de kinderen die het thuis moeilijker hebben, de weg naar ons aanbod vinden.
Op naar een kwaliteitslabel
Om een kwaliteitslabel te verwerven moet je aan een aantal voorwaarden voldoen die een extra inspanning vragen. Met de oude manier van werken was dat doel onbereikbaar, en dat was Lode Maesen echt een doorn in het oog: ‘Een beleid moet durven kiezen en durven investeren, zeker in kinderen. Ik merk ook dat de hogescholen naar het kwaliteitslabel vragen wanneer stagiaires bij ons starten.’ Om hier meteen op de goeie manier aan te beginnen nam Lode Maesen via de VVSG deel aan het traject ‘op weg naar het kwaliteitslabel kleuteropvang’. Een gelukkige keuze, vindt hij, want daardoor kon hij al wat hij er leerde, meteen goed toepassen bij de opstart van de nieuwe werking.
Op het ogenblik dat Lokaal met hem praat, draait de opvang al ruim twee maanden. De eerste ervaringen zijn positief, ook al is het hectisch geweest. Dat de waardering groot is, doet deugd: ‘De school die het minst in onze plannen geloofde, heeft recent laten weten dat ze heel tevreden is met onze manier van werken. En ook bij de ouders zien we een groot vertrouwen. Dat we op woensdagen tot tachtig kinderen opvangen die heel graag terugkomen, is voor ons een groot compliment.’
De ploeg is op korte tijd gegroeid van twee naar vier en uiteindelijk naar zeven kinderbegeleiders. Veel voorbereidingstijd was er niet, want de meeste kinderbegeleiders zijn pas vlak voor de start van het schooljaar aangeworven. Nu moet die ploeg doorgroeien tot een hecht team dat een gedeelde visie op de opvang uitdraagt. Het team is op verschillende vlakken heel divers, het is zich nog volop aan het inwerken, maar er ontstaat al een duidelijke dynamiek.
‘Met de nodige coaching zal het nog sterk kunnen groeien,’ zegt Lode Maesen vol overtuiging. ‘Ik ben er erg fier op dat we erin geslaagd zijn onze opvang uit te breiden. Zodra de drukte van de opstart achter de rug is, wil ik mij weer concentreren op het kwaliteitslabel. En daarna wil ik in de filosofie van het BOA-decreet proberen nog meer verbanden te leggen tussen onze opvang en de andere sectoren. Binnen cultuur zie ik bijvoorbeeld nog veel groeikansen.’ —
Auteur
Heb je een vraag over de inhoud van dit artikel?
Contacteer onsUp to date blijven?
Blijf op de hoogte van het belangrijkste nieuws voor en door lokale besturen. Schrijf je in voor onze wekelijkse nieuwsbrief.
InschrijvenNieuws
-
Nieuws
Lokale besturen en jonge onruststokers: oudejaarsnacht legt structureel probleem bloot
Radicalisering en polariseringIntegrale veiligheidBestuurlijke politie en handhavingKinderen en gezinnenVrije tijd -
Magazine Lokaal
Gemeenten geven gezinnen houvast
Kinderen en gezinnen -
Magazine Lokaal
Sociale cohesie is geen project, maar een manier van kijken.
Kinderen en gezinnen