De Vlaamse lokale besturen betalen voor 2025 samen 1,76 miljard euro aan pensioenbijdragen. Dat is 4,7% meer dan in 2024. De Vlaamse subsidie voor de responsabiliseringsbijdrage verzacht die stijging, maar de pensioenfactuur blijft ook de komende jaren oplopen.
Lokale besturen betalen bijna 2 miljard euro aan pensioenen
In 2025 gaat bijna 2 miljard euro naar de pensioenen van voormalige statutaire medewerkers van Vlaamse lokale besturen. Dat blijkt uit de jaarafrekening van de Federale Pensioendienst die de VVSG kon inkijken.
De pensioenuitgaven liggen 5% hoger dan in 2024. Sinds 2012 stijgen ze gemiddeld met 6,3% per jaar.
Ook de komende jaren blijven de uitgaven toenemen. Onder meer de langere levensverwachting speelt daarbij een rol: meer mensen ontvangen langer een pensioen. De pensioenmaatregelen van de federale regering moeten die groei wat afremmen. Toch verwachten we tussen 2025 en 2032 nog altijd een gemiddelde jaarlijkse stijging van 4,2%.
Op de studiemiddag over de lokale pensioenuitdagingen op 27 oktober in Gent gaat de VVSG dieper in op de gevolgen van de recente pensioenhervorming voor medewerkers en lokale besturen.
Lokale besturen betalen 1,76 miljard euro aan pensioenbijdragen
Om die pensioenen te financieren, betalen de Vlaamse lokale besturen in 2025 samen 1.756,7 miljoen euro aan pensioenbijdragen. Dat is 4,7% meer dan in 2024. Sinds 2012 stijgen die bijdragen gemiddeld met 5,7% per jaar.
De pensioenbijdragen bestaan uit twee delen: de basispensioenbijdrage en de responsabiliseringsbijdrage.
Basispensioenbijdrage blijft ongeveer stabiel
Lokale besturen betalen een basispensioenbijdrage op het loon van hun actieve statutaire medewerkers. De werkgever betaalt 38,5% en de werknemer 7,5%. Samen gaat het dus om 45% van het loon.
Voor 2025 bedraagt die bijdrage bruto 1.123,1 miljoen euro, ongeveer evenveel als in 2024.
Achter dat stabiele totaal zitten wel verschillen. Gemeenten en OCMW’s betalen minder doordat het aantal statutaire medewerkers daalt. Bij politie en brandweer stijgt het bedrag.
Besturen die al lang aangesloten zijn bij het Gesolidariseerd Pensioenfonds krijgen samen 32,3 miljoen euro korting. Daardoor daalt de netto basispensioenbijdrage tot 1.090,8 miljoen euro.
Steeds meer besturen betalen responsabiliseringsbijdrage
Een lokaal bestuur betaalt een responsabiliseringsbijdrage als zijn basispensioenbijdragen niet volstaan om de pensioenen van zijn voormalige statutaire medewerkers te financieren.
Omdat de pensioenuitgaven stijgen terwijl de basispensioenbijdragen ongeveer stabiel blijven, moeten steeds meer besturen zo’n extra bijdrage betalen. In 2025 gaat het al om bijna 71% van de lokale besturen.
Samen betalen ze bruto 707,5 miljoen euro aan responsabiliseringsbijdragen. Dat is 13,1% meer dan in 2024.
Besturen met een voldoende hoge tweede pijler hun contractuele medewerkers krijgen daarop een korting. Voor 2025 bedraagt die korting samen 41,6 miljoen euro. Netto blijft zo 665,8 miljoen euro aan responsabiliseringsbijdragen over.
Die bijdrage weegt steeds zwaarder door. In 2012 maakte ze nog 8,4% uit van de totale pensioenbijdrage. In 2025 is dat ongeveer 38%.
Vlaamse subsidie verlicht de pensioenfactuur
De lokale besturen staan er voor de financiering van hun pensioenuitgaven bijna alleen voor. De federale overheid past jaarlijks enkele tientallen miljoenen bij om de korting op de responsabiliseringsbijdrage te betalen.
Mogelijk komt er vanaf 2027 ook extra federale financiering voor besturen met meer dan 100.000 inwoners. Die regeling wordt wel aangevochten bij het Grondwettelijk Hof.
De Vlaamse overheid is op dat vlak een stuk royaler. Sinds 2020 betaalt ze voor bepaalde lokale besturen de helft van de responsabiliseringsbijdrage. Dat geldt voor gemeenten, OCMW’s, politie- en hulpverleningszones, autonome gemeentebedrijven en welzijnsverenigingen.
Voor 2025 bedraagt die Vlaamse subsidie 327,1 miljoen euro. Dat is bijna drie keer zoveel als in 2020.
Na aftrek van die subsidie betalen de Vlaamse lokale besturen in 2025 netto nog 1.429,6 miljoen euro aan pensioenbijdragen. Dat is 2,4% meer dan in 2024.
Die stijging ligt lager dan de voorbije jaren. In 2022 steeg de netto pensioenfactuur nog met 11,5%, in 2023 met 13,5% en in 2024 met 5,3%.
Toekomst kleurt rood
De pensioenuitgaven en pensioenbijdragen blijven de komende jaren stijgen. De Vlaamse subsidie tempert die groei, maar vanaf 2027 daalt die subsidie jaarlijks met 38 miljoen euro. De Vlaamse regering besliste die besparing bij de begrotingsopmaak voor 2026.
Daarnaast besliste Vlaanderen om vanaf 2027 ook het Gemeentefonds enkele jaren minder snel te laten groeien. Het Gemeentefonds is een algemene financieringsbron voor lokale besturen.
Tot nu toe groeide het Gemeentefonds jaarlijks met 3,5%. In 2027 blijft daar een stijging van 1% van over. In 2028 wordt dat 1,25% en in 2029 2%.
Naast de inflatie en de bevolkingsgroei was ook de sterke stijging van de lokale pensioenfactuur een belangrijk argument voor de jaarlijkse groei van het Gemeentefonds met 3,5%. Die groei valt nu, hopelijk tijdelijk, terug.
In 2013 ging 42,3% van het Gemeentefonds naar de financiering van de netto pensioenbijdragen. Door de invoering van de Vlaamse subsidie daalde dat aandeel tot 36,5% in 2021. Daardoor bleef een groter deel van het Gemeentefonds over voor andere lokale uitgaven.
Sindsdien stijgt dat aandeel opnieuw. Door de beperking van de Vlaamse responsabiliseringssubsidie en de tragere groei van het Gemeentefonds verwachten we dat de pensioenbijdragen in 2032 oplopen tot 47,3% van het Gemeentefonds.
Dan blijft slechts iets meer dan de helft van die middelen vrij beschikbaar voor andere lokale uitgaven.