Lokale besturen kunnen in bepaalde gevallen het verlaagd btw-tarief van 6% toepassen op investeringen in buitenschoolse kinderopvang. Dat bevestigt het Hof van Cassatie in een arrest van 22 januari 2026(opent nieuw venster).
Hof erkent link tussen buitenschoolse kinderopvang en onderwijs
Het aanbieden van onderwijs op zich is vrijgesteld van de btw. De daarmee nauw samenhangende diensten zijn eveneens vrijgesteld van de btw indien deze gebeuren door organisaties met soortgelijke doeleinden, voor zover ze niet systematisch het maken van winst beogen en eventuele winsten niet worden uitgekeerd maar worden aangewend voor de instandhouding of verbetering van de diensten. Het Hof van Cassatie oordeelt in het arrest dat de gemeente die een centrale buitenschoolse kinderopvang organiseert voor alle kinderen van het kleuter- en lager onderwijs op haar grondgebied een dergelijke organisatie is.
Het Hof oordeelt dat buitenschoolse kinderopvang nauw samenhangt met onderwijs. Die opvang is zelfs onontbeerlijk om onderwijs in de praktijk te organiseren. Zonder buitenschoolse kinderopvang kunnen veel kinderen niet naar school. Ouders werken, verplaatsen zich en vinden niet altijd opvang. Daardoor kan een school haar opdracht moeilijk uitvoeren zonder een structureel aanbod van buitenschoolse opvang. Het is daarenboven niet noodzakelijk dat de buitenschoolse kinderopvang plaatsvindt op dezelfde locatie als de onderwijsinstelling.