▶ de toekomst
‘We zijn zeer goed in het bouwen van allerlei ongelofelijke constructies, maar we zijn slecht in het maken van goede plaatsen,’ zegt Bram Dewolfs van Urban Foxes. Voor een goede invulling van de publieke ruimte laat hij jongeren in een participatief project uitzoeken wat en hoe die plek moet zijn, en brengt hij die ideeën in verbinding met de overheid, de bedrijven en kennisinstellingen.
Bram Dewolfs was eerst leerkracht Engels en Frans, behaalde dan zijn master Engels, maar kwam bij toeval terecht in de strijd voor de centrale lanen in Brussel na de open brief van Philippe Van Parijs. Hij stond aan de wieg van Urban Foxes waarmee hij interessante participatiemethodieken heeft ontwikkeld. Ze zijn na te lezen in het boekje ‘Place Making 4 Inclusion Cookbook’ of op http://placemaking.4learning.eu(opent nieuw venster) waar je de formats kunt downloaden.
‘In mei 2012 riep Philippe Van Parijs in zijn open brief op tot burgerlijke ongehoorzaamheid, want de Brusselse Grote Markt was nog altijd de mooiste parking van het land. Hij nodigde zijn vrienden via Facebook uit om op de Anspachlaan te picknicken. Daar is onze strijd succesvol begonnen. Later hielden we soortgelijke acties voor een autovrij Fernand Cocqplein in Elsene en voor het park Ninoofsepoort in Sint-Jans-Molenbeek. Daaruit is Urban Foxes voortgekomen, samen met een groep stedenbouwkundigen vanuit de hele wereld wilde ik als leerkracht constructief verder strijden. Denk aan kleine interventies, zoals onze mobiele petanque die aantoont wat je met acht vierkante meter kunt doen, behalve een auto parkeren.’
‘Vanaf 2016 zitten we op een Europees spoor met elk jaar een project van Erasmus+ om met dertig mensen aan leefbare steden te werken, vooral door jongeren te betrekken bij de vormgeving van de omgeving. Hiermee mochten we bijvoorbeeld in Valencia een participatieproject van drie weken voor de jachthaven organiseren. Samen met de buurt hebben de jongeren het DNA van die plaats herschreven en nu groeit het van een onaantrekkelijk gebied vol nachtclubs uit tot een inclusieve plaats. We willen publieke ruimte maken waar mensen graag komen en blijven. Zo zijn er nu ook workshops aan de gang om van het café van Muntpunt een aantrekkelijke plek voor jongeren te maken.’
‘We geloven in globaal denken en lokaal handelen. We doen niets voor jongeren, als het niet met of door de jongeren zelf aangebracht wordt.’
‘Elk project begint bij een analyse. Hiervoor hebben we een tof spel ontwikkeld waarmee jongeren kunnen uitzoeken of een bepaalde plek goed is. Het is niet oké dat alleen architecten daarover aan de hand van een aantal criteria beslissen. We beschikken over een kaartspel, een plaatsevaluatie, en geven op andere criteria ook punten. Hiervoor krijgen de jongeren carte blanche en dat werkt fantastisch. Ook het vervolg Heaven or hell doet hen op een frisse manier nadenken over hoe die plek nog slechter zou kunnen zijn. Dat geeft veel informatie. Het is een vorm van non-formele educatie. De jongeren ontwerpen publieke ruimte via workshops met non-formele methoden en veel spel en creativiteit.’
‘We aanvaarden niet alle opdrachten, want onze middelen en tijd zijn beperkt en veel participatietrajecten zijn er voor de schone schijn. Bij ons geen saaie participatievergaderingen. Participatie kan veel leuker. Als dat lukt, trek je de mensen langer mee.’
‘Zo was Durf een radicaal jeugdprogramma van minister Benjamin Dalle. Omdat bij veel jeugdprojecten jongeren niet bij de evaluatie worden betrokken, hebben we in dit programma vijftien jongeren een jaar lang op een speelse manier begeleid, ze hebben samen met beleid en administratie op een jeugdige manier één projectoproep geschreven en 24 aanvragen geëvalueerd. Het was een mooi leermoment voor de jongeren die ook leerden beseffen dat je keuzes moet maken. De administratie wil dit project graag voortzetten.’
‘Track, het vroegere treinmuseum in het station Brussel-Noord, is voor ons een belangrijke hefboom, de jongeren mogen deze ruimte cureren, zij krijgen de sleutels om hier inclusieve en creatieve dingen op poten te zetten. Wij werken niet in hun plaats maar empoweren de jongeren tot ondernemerschap en we kunnen dat ook aan geld verbinden. Wij willen vooral sociaal ondernemen en proactief meewerken van idee tot project.’
‘Onze jonge ruimtepioniers tussen de 14 en de 24 jaar zijn Brusselaars en Vlamingen, ze kunnen gebruik maken van ons brede netwerk gaande van de Ancienne Belgique tot Muntpunt om met de lokale jeugd de omgeving te verbeteren. Overal in Brussel en Vlaanderen hebben jongeren ideeën maar niet de ruimte of de middelen om ze te realiseren. Wij willen ze matchen met ons netwerk of met een andere partner die wellicht ruimte ter beschikking wil stellen. We lanceren eind deze maand een open call om nieuwe jongeren aan te trekken, uit te zoeken wat ze nodig hebben en dan samen een planning te maken. Die call is zeker niet megalomaan, hij gebeurt via mail en sociale media, in samenwerking met het OCMW van Brussel, enkele Brusselse scholen en onze partners. De jongeren kunnen hun ideeën pitchen in de scholen zelf, en als ze nog niet volledig voldoen, coachen we hen om meer maatschappelijke waarde aan hun projecten te geven. Zoiets kan soms met een kleine link.’
‘Zo hopen we dit jaar op tien jeugdprojecten in Vlaanderen en Brussel, volgend jaar op twintig, dan op dertig, tegelijk kloppen we bij de bedrijven aan voor een bijdrage. Daarnaast werken we samen met Growfunding, waarbij elke euro van de overheid er een bij krijgt van het bedrijfsleven en daarnaast moeten de jongeren zelf ook nog een euro ophalen. Uit die samenwerking kunnen we nog meer synergie halen.’
‘Van onze vorige projecten met stedelijke thema’s hebben we al een aantal praktische zaken geleerd, zoals dat het niet nodig is om elke week vergaderen, maar dat het beter is om twee keer vlak na elkaar samen te komen en dan een tussenpauze in te lassen. Om hen niet te moeten doen kiezen tussen een studentenjob en deze activiteiten, krijgen ze een vrijwilligersvergoeding. Ze zijn jeugdonderzoekers, een jaar lang zetten ze zich in voor minimaal acht momenten volgens het stramien van learn met een workshop voor de analysefase, make waarbij ze zelf creatief aan een idee werken en show aan het beleid. We zien hoe een jongere nu uitgroeit tot jeugdwerker, iemand anders zetelt na zes jaar meedraaien nu in onze raad van bestuur.
‘Overal in Brussel en Vlaanderen hebben jongeren ideeën maar niet de ruimte of de middelen om ze te realiseren. Wij willen ze matchen met ons netwerk of met een andere partner die wellicht ruimte ter beschikking wil stellen.’
‘In totaal zijn er al vijfhonderd jongeren bij betrokken geweest, we sturen ze via Erasmus+ ook vaak naar het buitenland, want het is belangrijk om te zien wat er elders gebeurt en tegelijk komen ze dan in contact met andere culturen. We geloven in globaal denken en lokaal handelen. We doen niets voor jongeren, als het niet met of door de jongeren zelf aangebracht wordt.’
‘We hebben geen structurele middelen maar moeten projecten winnen. Daar steek je heel veel tijd in, om ze te verwerven maar ook in de rapportage. Twintig procent van mijn tijd houd ik maar over voor jeugdwerk en participatie. Daarom gaan we nu in onze Placemaking Academy, zowel in Brussel en Brugge als in Breda, zonder financiering interessante mensen workshops laten geven over hoe we samen de stad kunnen maken door de publieke ruimte gezonder en gendergelijker in te richten.’ —
Auteur
-
Marliesvan BouwelRedacteur Lokaal
Fotograaf
- Stefan Dewickere
Heb je een vraag over de inhoud van dit artikel?
Contacteer onsUp to date blijven?
Blijf op de hoogte van het belangrijkste nieuws voor en door lokale besturen. Schrijf je in voor onze wekelijkse nieuwsbrief.
InschrijvenNieuws
-
Nieuws
Politieraad weldra afgeschaft: VVSG vraagt uitstel en overgangsperiode
Lokale politiezonesBestuur en burger -
Nieuws
Raadsleden kunnen blijven zetelen tijdens moederschapsrust
Bestuur en burger -
Magazine Lokaal
Estafette Benjamin Jacobs
Bestuur en burger