Met bronophaling van asbestcement naar asbestveilig Vlaanderen in 2040
Vlaanderen wil tegen 2040 asbestveilig zijn. Dat is een noodzakelijke en ambitieuze doelstelling. Het asbestattest maakt asbestrisico’s zichtbaar en zet eigenaars aan tot actie. Maar inventariseren alleen volstaat niet. Eigenaars hebben ook ondersteuning nodig om asbest veilig te verwijderen. Lokale bronophaling speelt daarin een belangrijke rol.
Het asbestattest is sinds eind 2022 verplicht bij de verkoop van gebouwen van vóór 2001 en vormt een centrale pijler van het Vlaamse asbestactieplan. Eind 2025 berekende de OVAM op basis van ruim drie jaar asbestattesten dat er nog meer dan drie miljoen ton asbest aanwezig is in Vlaamse gebouwen. Ruim 80% daarvan bestaat uit asbestcementtoepassingen, zoals leien en golfplaten. Twee derde van dat asbestpassief bevindt zich in woningen en appartementen.
Lokale bronophaling verlaagt de drempel
Sinds 2019 subsidieert Vlaanderen de inzameling van asbestcement aan huis. Sinds 2022 is die dienstverlening tegen een sterk verlaagd tarief beschikbaar voor elke Vlaming. In de meeste gemeenten organiseert de afvalintercommunale de bronophaling, met Vlaamse subsidies en inhoudelijke coaching van de OVAM.
De meerwaarde is duidelijk. Voor inwoners verlaagt bronophaling de drempel om asbest aan te pakken. Ze kunnen tegen een voordelig tarief asbestzakken of containers gebruiken en ontvangen hierbij ook beschermingsmateriaal en duidelijke instructies. Tegelijk verhoogt de aanpak de veiligheid, doordat inwoners geen risicovolle verplaatsingen naar het recyclagepark moeten maken en gespecialiseerde ophalers het transport uitvoeren.
Sinds de start werd op meer dan 75.000 locaties asbestcement aan huis opgehaald, goed voor bijna zes miljoen vierkante meter dak- en gevelbekleding. In 2025 bereikte de bronophaling de mijlpaal van 100.000 ton asbestcement aan huis. De OVAM noemde dat expliciet een belangrijke stap richting 2040.
Vlaanderen engageert zich, de continuïteit blijft onzeker
In het Lokaal Materialenplan 2023-2030 engageert de Vlaamse Regering zich om lokale asbestprojecten, waaronder de bronophaling, financieel te ondersteunen tijdens de volledige planperiode. Dat engagement is noodzakelijk: zonder Vlaamse cofinanciering kunnen lokale besturen en intercommunales deze dienstverlening niet volhouden. Toch blijft er vandaag onzekerheid over de continuïteit van de financiering. Bij verschillende afvalintercommunales lopen de huidige subsidies af, zonder duidelijk zicht op verlenging. Dat zet de voortzetting van de bronophalingen onder druk. Het dreigt ook lokaal opgebouwde expertise en dienstverlening abrupt te onderbreken.
“Sinds de start van de inzameling haalden we meer dan 1.500 ton asbest op een veilige manier weg bij de mensen thuis. Zo vermeden we ettelijke risicovolle verplaatsingen en gevaarlijke manoeuvres met asbestplaten.
Sébastien Impe
MIWA bouwt negen jaar praktijkervaring op
Hoe belangrijk structurele ondersteuning is, blijkt duidelijk uit de ervaring van MIWA, de afvalintercommunale van het Midden-Waasland. Algemeen directeur Sven Peeters en asbestcoach Sébastien Impe schetsen hoe de bronophaling binnen hun asbestbeleid evolueerde.
Voor de regio rond Sint-Niklaas heeft asbest een bijzonder beladen historiek, vertelt Sven Peeters. Door de aanwezigheid van een groot asbestproducerend bedrijf telt de regio tot vandaag beduidend meer asbestgerelateerde ziekten en sterfgevallen dan elders in Vlaanderen. ‘De asbestproblematiek leeft hier sterk, bij zowel inwoners als de lokale besturen. Daardoor wilden we heel bewust een voortrekkersrol opnemen.’
MIWA ging in 2017 in op het aanbod van de OVAM om te starten met een proefproject voor bronophaling van asbestcementgolfplaten. De intercommunale had al veel ervaring met asbestinzameling via de recyclageparken en kon daardoor relatief snel schakelen. Wat begon als een proef van zeven maanden, bleek snel een succes. In het eerste jaar zamelde MIWA bijna 100 ton asbestcement aan huis in. De intercommunale verankerde de dienstverlening meteen en bouwde ze later verder uit binnen Plan A – veilig asbestvrij, dat MIWA in 2020 lanceerde.
Dat actieplan rust op drie pijlers: inventarisatie, verwijdering en sensibilisering. Met de aanstelling van Sébastien Impe als asbestcoach kreeg de werking een extra impuls. ‘Dankzij bijkomende middelen konden we veel sterker inzetten op communicatie en begeleiding,’ vertelt die. ‘Het asbestloket groeide uit tot het centrale aanspreekpunt voor inwoners, met duidelijke informatie, digitale aanvragen en persoonlijke ondersteuning waar nodig.’
Digitalisering maakt de zaken vlotter
Sinds 2022 verloopt de volledige aanvraag voor asbestinzameling bij MIWA digitaal. Inwoners kunnen een platenzak, bigbag of container aanvragen, online betalen en daarna zelf een ophaalmoment vastleggen. De doorlooptijd bedraagt twee weken. ‘Die vereenvoudiging heeft de drempels echt verlaagd,’ zegt Sébastien Impe. ‘Maar wie dat wil, kan nog altijd telefonisch terecht. Dat persoonlijke contact blijft belangrijk.’
Problemen bij de inzameling zijn uitzonderlijk. ‘De instructies zijn helder en inwoners moeten expliciet bevestigen dat ze die volgen,’ zegt Impe. ‘Ook de instructiefilmpjes van de OVAM zijn heel duidelijk. Als er toch een probleem opduikt, zoeken we samen met de inwoner naar een gepaste en veilige oplossing.’
‘Dat de bronophalingen werken, zien we ook in de opgehaalde hoeveelheden,’ vult Sven Peeters aan. ‘In 2017 zamelden we ongeveer 460 ton in via de recyclageparken en 92 ton aan huis. In 2025 is dat beeld volledig omgekeerd. Dat toont duidelijk aan dat inwoners de weg naar de bronophaling beter vinden. Onze belangrijkste doelgroep zijn inwoners met renovatie- of verbouwplannen. Dat is een andere doelgroep dan bij klassieke afvalstromen.’
MIWA werkt daarvoor nauw samen met gemeentelijke milieudiensten, renovatiecoaches en lokale infomomenten. In het najaar organiseert de intercommunale ook een opleiding voor gemeentelijke medewerkers, zodat ze de asbestproblematiek beter herkennen en inwoners gericht kunnen doorverwijzen.
Onlangs stapte MIWA ook in het proefproject van de OVAM om een groepsaankoop voor asbestattesten te organiseren. De interesse is groot: 700 inwoners schreven zich al in, twintig procent van hen heeft tot nu toe de offerte aanvaard. Sébastien Impe: ‘Het belangrijkste in dit project is dat mensen goed geïnformeerd zijn. Dat biedt een grote meerwaarde, meer nog dan het prijsvoordeel.’
Vlaanderen moet duidelijk kiezen richting 2030
De ervaring van MIWA staat niet op zichzelf. Over heel Vlaanderen tonen bronophalingsprojecten dat een laagdrempelige, veilige en lokaal ingebedde aanpak werkt. Ze zijn niet de enige maatregel binnen het Vlaamse asbestbeleid, maar wel een essentiële schakel om inventarisatie te vertalen naar daadwerkelijke asbestverwijdering.
Willen we de ambitie van een asbestveilig Vlaanderen in 2040 realiseren, dan is een duidelijk en tijdig engagement van Vlaanderen noodzakelijk. Gegarandeerde financiële ondersteuning van bronophaling tot minstens 2030 is nodig om continuïteit te garanderen en te vermijden dat succesvolle lokale projecten stilvallen. —
Auteur
-
SaraCoessensStafmedewerker afvalbeleid
Foto
- MIWA
Heb je een vraag over de inhoud van dit artikel?
Contacteer onsMeer weten over
Up to date blijven?
Blijf op de hoogte van het belangrijkste nieuws voor en door lokale besturen. Schrijf je in voor onze wekelijkse nieuwsbrief.
Inschrijven