‘Klimaatambities in turbulente tijden’, met een keynote onder die titel opent professor Hans Bruyninckx onze tweejaarlijkse Klimaatdag op 2 juni. Het thema is helaas in de voorbije maanden nog actueler geworden dan toen we deze sessie vastlegden. De oorlog in Iran doet de energieprijzen opnieuw stijgen, vooral voor vloeibare brandstoffen.
De situatie maakt nog maar eens duidelijk hoe problematisch onze afhankelijkheid van fossiele brandstoffen is. Europa betaalt daar een hoge prijs voor. Miljarden extra euro’s vloeien naar bedenkelijke regimes, die niet aarzelen om die economische afhankelijkheid uit te spelen. Tegelijk nemen extreme weersomstandigheden toe, wereldwijd en in eigen land.
Je voelt het elke dag: de nood aan meer actie groeit. Door energie te besparen en zelf duurzaam en decentraal energie op te wekken, verklein je die afhankelijkheid. Toch staat klimaat en energietransitie als prioriteit vandaag onder druk op de nationale en internationale politieke agenda.
We zouden in het internationale strijdgewoel haast vergeten dat het nog altijd de lokale besturen zijn die hierin dé sleutelrol in de frontlinie te spelen hebben. Het zijn de steden en gemeenten die de noodzakelijke transities op het terrein kunnen realiseren. Die leidende rol, ook voor het thema klimaat, komt nog duidelijk naar voor in de gesprekken met burgemeesters Mathias Declercq en Mohamed Ridouani, verderop in dit nummer.
We zouden in het internationale strijdgewoel haast vergeten dat het nog altijd de lokale besturen zijn die in klimaatbeleid dé sleutelrol in de frontlinie te spelen hebben.
Ook de Vlaamse overheid erkent dat. In het Vlaams Energie- en Klimaatplan dat vorig jaar werd geactualiseerd, staat het duidelijk te lezen, onder het Sociaal Klimaatplan: ‘Lokale besturen zijn het beleidsniveau dat het dichtst bij de burger staat. Ze hebben daardoor krachtige instrumenten om kwetsbare doelgroepen te bereiken, onder andere via het lokaal sociaal beleid en de OCMW’s, het woonbeleid en het lokaal economisch beleid.’
Want inderdaad, de stijgende energieprijzen treffen vooral kwetsbare mensen. Dat hoeft geen reden te zijn om klimaatbeleid te vertragen. Het toont wel de noodzaak van gerichte ondersteuning op maat voor wie dat nodig heeft. Laat dat net de bedoeling zijn van het Sociaal Klimaatfonds, een fonds dat gespijsd wordt met een deel van de middelen van het ETS2, het nieuwe emissiehandelssysteem voor gebouwen en transport. België diende voorlopig nog geen plan in om die middelen te besteden.
Lokale besturen staan klaar om inwoners te ondersteunen. Maar daarvoor heb je wel de juiste instrumenten nodig. We roepen de Vlaamse en federale overheid op om werk te maken van het Sociaal Klimaatfonds. Klop daarom de acties af, en leg de focus daar op gerichte maatregelen die de doelgroep echt vooruithelpen.
In afwachting daarvan kun je op 2 juni in Deinze concrete inspiratie tanken voor de versterking van het lokale klimaatbeleid. Allen daarheen! —