Vanaf 1 januari 2027 daalt in Vlaanderen het aantal kinderen per begeleider (de kind-begeleiderratio) in de kinderopvang. Die maatregel moet de kwaliteit van de opvang verhogen en de werkdruk voor kinderbegeleiders verlagen. Uit recente cijfers blijkt dat bijna acht op de tien kinderopvanglocaties vandaag al volgens de toekomstige normen werken. Toch blijven lokale besturen, waakzaam voor de impact op de beschikbare opvangcapaciteit, de organisatie van de opvang en de toekomst van de gezinsopvang en onthaalouders.
Kwaliteit vooruit, maar capaciteit onder druk
De nieuwe regelgeving geeft kinderbegeleiders meer ruimte voor individuele aandacht en zorg, wat de kwaliteit en veiligheid van de opvang ten goede komt. Heel wat opvanginitiatieven hebben zich daarom de voorbije jaren al aangepast aan deze normen. Toch is de invoering van de lagere kind-begeleiderratio niet vanzelfsprekend voor alle organisatoren. Vooral kleinere groepsopvang initiatieven en samenwerkende onthaalouders beschikken vaak over beperkte organisatorische en financiële marge. Wanneer zij extra personeel moeten inzetten om dezelfde capaciteit te behouden, blijkt dat niet altijd haalbaar. Het risico bestaat dat sommige organisatoren bewust minder kinderen zullen opvangen om aan de nieuwe personeelsnormen te voldoen.
De VVSG ondersteunt de ambitie om de kwaliteit van de kinderopvang te versterken, maar benadrukt dat deze verbetering niet mag leiden tot een afbouw van opvangplaatsen. Sommige opvanginitiatieven zullen hun openingsuren of flexibiliteit moeten aanpassen om de personeelsbezetting rond te krijgen. Dat kan een belangrijke impact hebben op gezinnen met onregelmatige werkuren of een grotere opvangnood.
Bijzondere aandacht voor onthaalouders
Lokale besturen vragen ook blijvende aandacht voor de positie van onthaalouders. Gezinsopvang speelt in veel gemeenten een cruciale rol in het opvanglandschap, maar de sector kampt al langer met een dalend aantal onthaalouders. De VVSG pleit voor maatregelen om het beroep aantrekkelijker te maken en voldoende ondersteuning van organisatoren van gezinsopvang. Zonder bijkomende inspanningen stijgt de druk op de opvangcapaciteit, juist daar waar gezinnen vandaag sterk afhankelijk zijn van het aanbod van onthaalouders.
Investeren in mensen en plaatsen
Lokale besturen verwelkomen de bijkomende middelen die de Vlaamse overheid voorziet bij de overgang naar de nieuwe normen, maar de uitdaging is breder dan enkel de kind-begeleiderratio. Voldoende opvangplaatsen, voldoende gekwalificeerde medewerkers en een sterke gezinsopvang zijn essentieel om tegemoet te komen aan de stijgende vraag naar kinderopvang.
De VVSG vraagt daarom blijvende investeringen in de kinderopvangsector om de kwaliteit duurzaam te verankeren. Dat betekent:
- het behoud en de uitbreiding van de opvangcapaciteit;
- voldoende middelen voor de invoering van de nieuwe kind-begeleiderratio;
- blijvende investering voor het behoud van de gezinsopvang;
- maatregelen om nieuwe kinderbegeleiders aan te trekken en te behouden;
- toegankelijke en flexibele opvang voor alle gezinnen.