Veertien gemeenten en intergemeentelijke samenwerkingsverbanden namen gedurende anderhalf jaar deel aan een proeftraject van de Vlaamse overheid betreffende omgevingshandhaving. Die trajecten zijn leerprocessen over hoe je lokaal met nieuwe beleidsmatige uitdagingen kunt omgaan. Deze keer vormden de aanbevelingen voor lokale omgevingshandhaving, gevoegd bij het Omgevingshandhavingsprogramma van 2023, het onderwerp. Op het afsluitende beleidsforum van 5 december 2024 noteerden we een unaniem positief verhaal met lessen en inspirerende voorbeelden voor andere lokale besturen.
Op 16 december 2022 legde de Vlaamse regering het eerste omgevingshandhavingsprogramma vast. Zoals de naam het zegt, geeft dat richting aan het Vlaamse omgevingshandhavingsbeleid voor de volgende jaren. Het is gericht aan al wie betrokken is bij handhaving en bindend voor de gewestelijke actoren. Het uitgangspunt is dat omgevingshandhaving moet bijdragen aan de realisatie van het omgevingsbeleid. Dat beleid omvat zeven gewestelijke prioriteiten. Zij weerspiegelen de grote maatschappelijke uitdagingen: instandhouding van de biodiversiteit, bestrijding van de droogte- en de stikstofproblematiek, reductie van de emissies van broeikasgassen, van gevaarlijke en bioaccumuleerbare stoffen in water, lucht en bodem, en duurzaam beheer van materiaalkringlopen en afvalstoffen.
Een belangrijke speler in het omgevingshandhavingsbeleid zijn de lokale besturen. Ze hebben een ruime decretale handhavingsopdracht en zijn ook belangrijk voor de realisatie van de Vlaamse omgevingsdoelstellingen. Bij het omgevingshandhavingsprogramma werden daarom zes aanbevelingen voor lokale besturen gevoegd. Ze weerspiegelen de Vlaamse principes voor efficiënte en effectieve handhaving en bieden lokale besturen sleutels om de lokale handhaving zelf te versterken. Ze staan in de inzet bij dit artikel.
Realiteitstoets
Met die aanbevelingen als kompas ontwikkelden veertien lokale besturen en intergemeentelijke samenwerkingsverbanden lokaal handhavingsbeleid; ze brachten dit ook in de praktijk. De prioriteiten lagen vast – stikstof, biodiversiteit of droogte – maar boden voldoende ruimte voor een lokale vertaling. Heraanplant (van bomen), bemalingen en verhardingen waren thema’s die het meest aanspraken. De deelnemende gemeentes lagen verspreid over heel Vlaanderen en waren heel divers qua grootte, landelijk en stedelijk karakter en mate waarin al aan omgevingshandhaving werd gedaan. Ondanks die verscheidenheid waren de handelwijze en ervaringen van alle deelnemers opvallend gelijklopend.
Voorkomen in plaats van genezen
Nu de deelnemers verplicht werden om handhavingsbeleid voor maatschappelijk relevante problemen te ontwikkelen en dus proactief op handhaving in te zetten, gingen ze breed aan de slag. Handhaving bleef niet beperkt tot reactief en repressief optreden met de klemtoon op herstel en bestraffing van gepleegde schendingen. Allemaal gingen ze op zoek naar methodes om schendingen te voorkomen. Voor die preventieve handhaving kwamen de andere twee strategieën in het vizier: nalevingsbevordering en nalevingstoezicht. Nalevingsbevordering vertaalde zich vooral in communicatie: informeren en sensibiliseren. Willebroek zette in op algemene informatie via zijn magazine, website, flyers en sociale media. Leiedal informeerde de toekomstige bewoners van nieuwe wijken al tijdens de bouw over de verhardingsregels.
Zemst wees in een aparte brief op de bijzondere voorwaarden bij de afgifte van een omgevingsvergunning. Heist-op-den-Berg organiseerde infosessies over bemalingen voor de sector van aannemers en boorbedrijven. In Sint-Niklaas stelden ze vast dat er nog veel ruimte was om voortuinen te ontharden en te vergroenen via gerichte sensibilisering, gecombineerd met de juiste incentive(s). Nalevingstoezicht bestond uit systematische controles op de bijzondere vergunningsvoorwaarden. Dat bleek absoluut noodzakelijk te zijn. Zo stelde Veneco vast dat de helft van de gecontroleerde adressen zelfs de belangrijkste vergunningsvoorwaarden schond. De deelnemers sloegen de nagel op de kop met hun conclusie: zonder handhaving is investeren in uitgebreide vergunningsvoorwaarden verloren tijd en energie.
Nieuwe samenwerking tussen diensten
Handhaving vraagt om veel ogen op het terrein, controles van vergunningendossiers en tools om effectief te handhaven. Door prioriteiten te kiezen werden die ogen heel gericht gekozen en opgeleid. Zo vraagt Heist-op-den-Berg om bij infrastructuurprojecten onvergunde verhardingen in kaart te brengen. Er werden softwaresystemen aangekocht en aangepast om gerichte info zoals bijzondere vergunningsvoorwaarden te registreren en om relevante klachten- en vergunningendossiers te selecteren. Op basis van die gefilterde informatie kan Schilde zijn prachtige woonparken behouden en/of herstellen. Samen met de financiële dienst werden waarborgsystemen voor heraanplant van bomen uitgewerkt. In Herzele leverde de GIScoördinator extra kaartlagen.
Sluitend beleid vraagt om handhaving. De uitwerking van een handhavingsbeleid maakt de investering in handhaving gericht: schendingen die het meest nefast zijn bij de realisatie van het beleid, worden bij voorrang verhinderd, gecontroleerd of stopgezet. De afstemming tussen beleidsplannen, voorschriften, vergunningenbeleid en handhaving leidde bij de deelnemers tot zichtbare resultaten. Oostende slaagde erin met alleen maar zachte handhaving stappen te zetten in ontharding en zo het straatbeeld in verkavelingen op korte termijn groener te maken.
Bovendien stelden de deelnemende gemeenten vast dat proactieve handhaving signaalwaarde heeft die preventief werkt ten aanzien van iedereen: Gent kreeg opvallend meer aanvragen voor een (afwijking op) omgevingsvergunning voor groendaken of infiltratievoorziening/hemelwaterrecuperatie. Dit toont de voordelen van proactief beleid in vergelijking met handhaving die louter door klachten gestuurd wordt. Wim Dries, burgemeester van Genk en coördinator van IGS MidLIM Handhaving Ruimte, voegt daar nog aan toe: ‘Handhaving is het sluitstuk van degelijk ruimtelijk beleid samen met het plannings- én omgevingsvergunningenbeleid. We nemen die voortrekkersrol op. Maar de wetgeving is complex, sterk juridisch getint en veelomvattend. Het is de taak van de overheid om daar uitleg over te geven en te sensibiliseren, burgers correct te informeren. Dat doet het aantal overtredingen dalen en vermijdt harde handhaving.’