Elke gemeente moet volgens het eredienstendecreet aan het begin van iedere beleidsperiode een actueel kerkenbeleidsplan opmaken. Uiterlijk zes maanden na installatie van de nieuwe gemeenteraad moet het ondertekend zijn door de bisschop en vastgelegd in een gemeenteraadsbesluit. Deze keer geldt de eerste week van juni 2025 als uiterste datum, nieuwe fusiegemeenten hebben een maand respijt tot 2 juli. We bekijken de bijzondere positie van kerken met een neven- of herbestemming, en dan vooral de financiële kant ervan.
De verplichting om midden 2025 over een actueel en goedgekeurd kerkenbeleidsplan te beschikken dwingt de lokale besturen na te denken over de toekomst van de parochiekerken op het grondgebied. Vandaag rekenen parochiekerken voor de exploitatiekosten en investeringen nog in belangrijke mate op de gemeente. Het kerkenbeleidsplan verandert daar niet zo heel veel aan. Om maar iets te noemen: parochiekerken zijn vaak eigendom van de gemeente. Voor beschermde gebouwen is er een instandhoudingsverplichting. Na onttrekking aan de eredienst is die er nog altijd.
Voor kerken die volgens het kerkenbeleidsplan in aanmerking komen voor neven- of herbestemming, bestaan er diverse formules. De eigenaar – de gemeente of de kerkfabriek – kan ze verkopen, ‘onder voorwaarden’ meestal. Of de eigenaar houdt het gebouw maar geeft het in erfpacht of verhuurt het. Het is in dat en andere gevallen niet uitgesloten dat er meerdere betalende eindgebruikers zijn. Een gemeente – of een kerkfabriek, al zijn de bisdommen daar niet altijd voor te vinden – kan een kerk ook zelf ontwikkelen, bijvoorbeeld tot bibliotheek of buurthuis. Allerhande combinaties en tussenvormen zijn mogelijk, zo ver als de creativiteit van initiatiefnemers en juridische of financiële experten reikt.
In dit artikel bespreken we drie typetrajecten, telkens aan de hand van een praktijkvoorbeeld: verkoop, erfpacht en ‘zelf ontwikkelen’. De relatie tussen de betrokken partijen, de gehanteerde vastgoedtransactie en het financiële model wordt zo duidelijk. Maar eerst introduceren we de leidraad voor de financiële haalbaarheid bij neven- en herbestemming