Ik word onthaalouder
Heb je een warm hart voor baby’s en peuters? Help je hen graag hun eerste stapjes zetten, liefst bij jou thuis? Dan is onthaalouder zijn vast iets voor jou. Dankzij je grote emotionele betrokkenheid en huiselijke zorgen geef je kinderen een sterke start in hun eerste levensjaren.
Ontdek welke opleiding je nodig hebt, hoe je start, welk statuut je krijgt, wat je verdient en welke voorwaarden gelden.
Hoe word ik onthaalouder?
Stap 1 – Lees de info op deze pagina.
Je krijgt een duidelijk beeld van opleiding, traject, statuut en je woning.
Stap 2 – Neem contact op met een organisator gezinsopvang in je buurt.
Heb je vragen of ben je overtuigd? Een organisator (dienst voor onthaalouders) helpt je op weg.
Welke opleiding heb je nodig als onthaalouder?
Om als onthaalouder te werken, heb je een geschikt diploma of kwalificatieattest nodig, of je zit in een traject om dat te behalen.
Daarnaast toon je aan dat je:
- voldoende kennis van het Nederlands hebt
- recent een opleiding Levensreddend handelen volgde
Twijfel je of alles in orde is? Neem contact op met een organisator gezinsopvang.
Heb je al een kwalificatie/diploma of moet je deze nog behalen?
Check of je diploma of kwalificatieattest in aanmerking komt om te werken als kinderbegeleider gezinsopvang.
Nog geen kwalificatieattest? Je kan toch starten.
Je volgt de opleiding terwijl je al werkt als onthaalouder. Je krijgt begeleiding van een mentor en je organisator gezinsopvang. In het opleidingstraject komen 15 competenties aan bod.
Waar vind je een organisator gezinsopvang?
In Vlaanderen zijn heel wat organisatoren gezinsopvang actief. Neem contact op met een dienst voor onthaalouders uit je buurt of met Het Huis van het Kind(opent nieuw venster) in je gemeente.
Hoe starten?
Je doorloopt de selectieprocedure bij de organisator gezinsopvang. Daarin zit minstens het verplicht traject voor startende onthaalouders.
Traject gezinsopvang voor startende onthaalouders
Elke kandidaat-onthaalouder doorloopt vóór de start een specifiek en verplicht traject. De volgende elementen komen daarin aan bod:
- Infosessie: je krijgt info over vergunningsvoorwaarden, competenties, statuut, taken …
- Screening van draagkracht en competenties: omgaan met kinderen, zelfreflectie, communicatie, organisatie, samenwerking …
- Ontwikkelingsplan: je gepersonaliseerd leertraject op basis van de screening
- Meeloopmoment: korte stage bij een collega-onthaalouder
Huisbezoek(en)
De organisator bekijkt samen met jou hoe je de opvang in je woning kan organiseren en welke aanpassingen nog nodig zijn.
Vergunning en documenten
Je opvang heeft een vergunning voor kinderopvang nodig. Je organisator gezinsopvang vraagt die aan bij Agentschap Opgroeien (Kind en Gezin). Zodra je documenten en vergunning in orde zijn, kan je starten.
Verplichte documenten:
- identiteitsbewijs (je bent minstens 18 jaar)
- kwalificatiebewijs
- bewijs van actieve kennis Nederlands
- uittreksel strafregister (voor jou en je huisgenoten)
- medisch attest (voor jou en je huisgenoten)
- attest opleiding Levensreddend handelen
- attest starttraject
- overeenkomst met de organisator gezinsopvang
Welk statuut krijg je als onthaalouder?
Als onthaalouder in gezinsopvang werk je samen met een organisator gezinsopvang (dienst voor onthaalouders). Lange tijd gebeurde dat vooral in het sui-generisstatuut, een specifiek sociaal statuut voor aangesloten onthaalouders. Vandaag krijg je een arbeidscontract en start je als volwaardig werknemer van de organisator gezinsopvang.
Werknemersstatuut (vandaag de standaard)
Vandaag start je meestal met een arbeidscontract en werk je als werknemer van de organisator gezinsopvang.
Je werkt als bediende in huisarbeid (kort: onthaalouder in werknemersstatuut). Dat betekent:
- je hebt een arbeidsovereenkomst
- arbeidswetgeving, arbeidsreglement en CAO/rechtspositieregeling gelden ook voor jou
- je werkt thuis (of op een locatie die je kiest)
- voltijds: 50 uren/week
- je vangt gemiddeld minstens 4 kinderen per dag op
Je hebt dezelfde rechten en plichten als andere werknemers, zoals:
- betaalde vakantie
- gewaarborgd loon bij ziekte
- sociale bescherming (pensioen, ziekte-uitkering, werkloosheid, tijdskrediet …)
- administratieve ondersteuning
- werkinstructies en duidelijke afspraken over werktijden en afwezigheden en organisatie van de opvang
Loon en onkostenvergoeding
Als werknemer krijg je:
- een belastbaar maandloon
- en een fiscaal vrijgestelde onkostenvergoeding
De onkostenvergoeding dekt kosten eigen aan de opvang en bestaat uit (bedragen vanaf 1 maart 2026):
- een vaste vergoeding per geplande werkdag van 16,13 euro
- een variabele vergoeding per opvangprestatie van 4,52 euro
Daarnaast zijn er extra loonelementen die verschillen per werkgever. Bij gemeentebesturen kan dat bv. ook zijn:
- anciënniteitsverhogingen
- eindejaarspremie
- maaltijdcheques
Loon en vergoedingen volgen automatisch de index.
Je organisator is je werkgever
De organisator gezinsopvang:
- stuurt je aan en ondersteunt je
- maakt duidelijke afspraken over je taken en verantwoordelijkheden
Het sui-generisstatuut
Starten in het sui generis statuut kan alleen nog als je een onthaalouder vervangt in een groepsopvang met samenwerkende onthaalouders. Nieuwe onthaalouders in nieuwe locaties gezinsopvang starten in het werknemersstatuut.
Wat is het sui generis statuut?
- je bent geen werknemer en geen zelfstandige
- je werkt met een samenwerkingsovereenkomst met een organisator
- de organisator is een “fictieve werkgever”
- je ontvangt geen loon maar een fiscaal vrijgestelde onkostenvergoeding op basis van opvangprestaties
- je hebt een beperkte sociale verzekering
- de organisator betaalt de RSZ-bijdragen
- geen gezagsrelatie: je regelt je werk vrijer, maar je maakt wel duidelijke afspraken en volgt de regelgeving
Meer informatie vind je bij je organisator of via de Helpdesk onthaalouders van Vivo(opent nieuw venster).
Aan welke voorwaarden moet je woning voldoen?
Tijdens de selectieprocedure komt iemand langs voor een veiligheidsonderzoek. Die persoon controleert de ruimtes die je gebruikt voor kinderopvang.
Checklist voor je woning
- Je woning is ruim, veilig en kindvriendelijk (ook het materiaal dat je gebruikt).
- Er is minstens 20 m² vrije ruimte beschikbaar voor de opvangkinderen.
- De ruimtes zijn rookvrij, proper, voldoende verlicht en verlucht.
- Je tuin is veilig en bij voorkeur afgesloten, of je hebt een veilige buitenruimte vlakbij.
- Je beschikt over minstens 1 aparte rustruimte (dat mag de slaapkamer van een gezinslid zijn).
De organisator bekijkt met jou welke aanpassingen nodig zijn. Sommige organisatoren stellen ook materiaal ter beschikking, zoals bedjes en speelgoed.
Moet de opvang in je eigen woning doorgaan?
Dat mag, maar het moet niet. De meeste onthaalouders kiezen voor opvang thuis. Dan deel je de ruimte met je huisgenoten en de opvangkinderen.
Andere onthaalouders huren een woning of een deel van een woning om de opvang te organiseren.