Lokale besturen moeten steeds meer mensen begeleiden die hun werkloosheidsuitkering verliezen, terwijl hun middelen en mogelijkheden afnemen. Dat verhoogt de druk op de OCMW's en bemoeilijkt de begeleiding naar duurzaam werk. Tijdens een hoorzitting in het Vlaams Parlement vroegen de VVSG en de lokale besturen daarom voldoende middelen, passende instrumenten en een gelijkwaardig partnerschap met VDAB.
De VVSG en medewerkers van lokale besturen brachten hun ervaringen en bezorgdheden naar de verenigde commissies Economie en Binnenlands Bestuur. Aanleiding was een conceptnota van leden van de N-VA-fractie over de slaagkansen van de hervorming van het activeringsbeleid.
OCMW's krijgen meer cliënten, maar minder mogelijkheden
De OCMW's staan voor een dubbele uitdaging. Door de beperking van de werkloosheidsuitkeringen moeten ze meer mensen begeleiden naar werk. Tegelijk bouwt de Vlaamse overheid maatregelen af die lokale besturen daarbij ondersteunen.
Zo dreigt de schrapping van de begeleidingspremie voor tijdelijke werkervaring (TWE-OCMW) de mogelijkheden van lokale besturen te beperken. Ook de besparingen in de sociale economie verkleinen de kansen voor mensen die moeilijk werk vinden.
Daar komt onzekerheid bij over de toekomstige taken van VDAB. Het blijft onduidelijk welke begeleiding de dienst nog zal bieden aan werkzoekenden die extra ondersteuning nodig hebben.
Net voor die groep is een sterke lokale aanpak onmisbaar. Mensen die verder van de arbeidsmarkt staan, hebben vaak intensieve begeleiding nodig. Ook geschikte werkplekken waar ze ervaring opdoen en vaardigheden ontwikkelen, zijn essentieel om duurzaam aan het werk te gaan.
VDAB en OCMW's moeten als gelijkwaardige partners samenwerken
OCMW's kennen hun cliënten, hun leefsituatie en de drempels die ze ervaren. Ze bieden begeleiding op maat en zoeken samen met andere lokale partners naar haalbare trajecten richting werk. Die expertise verdient een volwaardige plaats in het Vlaamse activeringsbeleid.
De VVSG vraagt daarom een gezamenlijke visie, waarin de noden van de cliënt centraal staan. VDAB en OCMW's moeten samenwerken als gelijkwaardige partners, met respect voor elkaars expertise en sterktes.
Dat vraagt meer dan lokale samenwerkingsovereenkomsten ondertekenen. De partners moeten samen concrete actieplannen uitwerken en duidelijke afspraken maken over wie welke taken opneemt. Een eenzijdig opgelegd kader biedt daarvoor geen oplossing.
VVSG vraagt structurele middelen en passende instrumenten
Lokale besturen hebben voldoende personeel, middelen en instrumenten nodig om hun groeiende activeringsopdracht waar te maken. Meer cliënten begeleiden zonder extra capaciteit en ondersteuning zet de kwaliteit van de trajecten onder druk.
Daarom vraagt de VVSG dat OCMW's toegang behouden tot alle instrumenten die ze nodig hebben om mensen naar werk te begeleiden. Waar het bestaande aanbod tekortschiet, zijn bijkomende maatregelen op maat nodig.
Ook bestaande maatregelen die hun nut bewezen hebben, verdienen een toekomst. Zo tonen cijfers die VDAB al jaren aanlevert de waarde van TWE-OCMW aan. De VVSG vraagt daarom om deze maatregel te behouden.
Daarnaast leverden de lokale activeringspacten (LAP) goede resultaten op. Een derde reeks (LAP 3) zou de OCMW's in de huidige moeilijke omstandigheden extra ondersteunen. Toch volstaan tijdelijke middelen niet. De VVSG pleit voor structurele financiering, zodat lokale besturen hun cliënten langdurig en intensief kunnen begeleiden.
Duurzame activering vraagt begeleiding op maat en inclusieve werkvloeren
Activering draait niet om mensen zo snel mogelijk aan het werk te krijgen. Het doel is dat ze werk vinden dat aansluit bij hun mogelijkheden en dat ze ook kunnen volhouden.
Voor mensen die moeilijk werk vinden, vraagt dat een traject op maat, met aandacht voor hun ondersteuningsnoden en de drempels die ze ervaren. Ook inclusieve werkvloeren spelen een belangrijke rol. Ze bieden mensen de kans om werkervaring op te doen, vaardigheden te ontwikkelen en stap voor stap te groeien.
Zonder voldoende begeleiding, passende instrumenten en geschikte werkplekken dreigt een draaideureffect: mensen vinden werk, vallen opnieuw uit en keren terug naar het OCMW. Dat schaadt niet alleen hun kansen op duurzaam werk, maar verhoogt ook de druk op de lokale besturen.
Bekijk ons pleidooi tijdens de hoorzitting
Herbekijk onze tussenkomst vanaf 36:10.