Met een nieuw technologiepakket wil Europa minder afhangen van bedrijven en landen buiten de Europese Unie. Dat raakt ook de digitale keuzes van je lokaal bestuur. Bij digitale aankopen telt hoe afhankelijk je bent van een leverancier en hoeveel controle je houdt over je gegevens en toepassingen. Ook je dienstverlening moet blijven werken als technologie wegvalt. De VVSG pleit daarom voor gezamenlijke publieke sturing en ondersteuning, zodat lokale besturen die uitdagingen niet elk apart moeten aanpakken.
Met het European Technological Sovereignty Package wil de Europese Commissie meer technologie in Europa laten ontwikkelen en die beter beschermen. Achter steeds meer lokale dienstverlening zit technologie waarover je bestuur maar beperkt controle heeft.
Europa noemt die ambitie ‘technologische soevereiniteit’: voldoende eigen kennis, bedrijven en infrastructuur hebben om zelf belangrijke digitale keuzes te maken. Niet alle technologie hoeft daarvoor Europees te zijn. Europa wil vooral vermijden dat het voor essentiële technologie volledig afhangt van een beperkt aantal buitenlandse spelers.
Waarom zet Europa hier nu op in?
Geopolitieke spanningen, verstoorde aanvoerketens en groeiende internationale concurrentie rond technologie maken duidelijk hoe sterk Europa afhangt van technologie van buiten de Europese Unie.
Die buitenlandse technologie heeft de snelle digitalisering jarenlang mee mogelijk gemaakt. Intussen steunen ook onze economie, veiligheid en publieke dienstverlening erop. Wat gebeurt er als essentiële technologie plots niet meer beschikbaar is of duurder wordt? Of als er voorwaarden gelden waarop Europa weinig invloed heeft?
Het Europese pakket bevat vier voorstellen
- Chips Act 2.0(opent nieuw venster): meer Europese chips
Europa wil meer chips zelf ontwikkelen en produceren. Die zitten niet alleen in computers, maar ook in camera’s, verkeerslichten, laadpalen en sensoren.
- Cloud and AI Development Act(opent nieuw venster): meer capaciteit voor cloud en AI
Europa wil meer capaciteit om gegevens op te slaan en te verwerken, en om toepassingen met artificiële intelligentie (AI) te ontwikkelen. Bij clouddiensten staan gegevens en programma’s op computers van een externe aanbieder, in plaats van alleen op de eigen systemen van je bestuur.
- EU Open Source Strategy(opent nieuw venster): meer opensourcesoftware
Europa wil het gebruik en de ontwikkeling van opensourcesoftware stimuleren. Bij die software is de programmacode toegankelijk. Dat kan je bestuur minder afhankelijk maken van één leverancier.
- Strategic Roadmap for Digitalisation and AI in Energy(opent nieuw venster): digitale technologie en energie
Europa kijkt naar de grote energie- en waterbehoefte van bijvoorbeeld datacenters. Het bekijkt ook hoe het digitale technologie in het energiesysteem kan inzetten.
Voor je lokaal bestuur zijn vooral de keuzes over software, cloud en gegevens herkenbaar. Maar ook de achterliggende infrastructuur telt. Digitale dienstverlening werkt alleen als energie, netwerken, apparatuur en datacenters beschikbaar blijven. Je bestuur krijgt mogelijk ook meer vragen over vergunningen en ruimtelijke planning voor digitale infrastructuur.
Hoeveel grip heb je als lokaal bestuur nog?
Lokale besturen gebruiken software voor essentiële processen en de toepassingen bevatten grote hoeveelheden gegevens. Die software groeide vaak jarenlang en bestaat uit verschillende technische lagen. Daardoor is overstappen niet eenvoudig.
Kun je je gegevens meenemen als je van toepassing of leverancier verandert? Kunnen andere programma’s die gegevens gebruiken? En weet je waar je gegevens staan?
Op papier blijven de gegevens van je bestuur. Toch kun je in de praktijk sterk afhangen van één leverancier. Daar raakt de Europese discussie het lokale niveau: hoe word je enerzijds ontzorgd en behoud je anderzijds voldoende vrijheid om zelf keuzes te blijven maken?
Het recht om over te stappen en je gegevens mee te nemen, volstaat niet. Een overstap moet ook technisch haalbaar zijn. Daarvoor zijn goede standaarden en bruikbare koppelingen nodig. Toepassingen moeten gegevens kunnen uitwisselen én gebruiken.
Stel vijf vragen bij een digitale aankoop
Europa werkt de nieuwe regels de komende jaren verder uit. Kijk bij digitale aankopen niet alleen naar prijs, gebruiksgemak, veiligheid en functionaliteit. Houd ook rekening met de afhankelijkheid van leveranciers.
Je hoeft daarvoor geen technologiespecialist te zijn. Deze vijf vragen helpen je:
- Waar staan onze gegevens? Wie beheert ze en onder welke voorwaarden?
- Kunnen we later van leverancier veranderen? Kunnen we onze gegevens dan zonder grote problemen meenemen?
- Kan deze toepassing samenwerken met onze andere systemen? Je bestuur gebruikt verschillende programma’s. Die moeten eenvoudig informatie kunnen uitwisselen.
- Zijn er verschillende leveranciers of oplossingen mogelijk?
- Wat als de leverancier of technologie wegvalt? Hoe zorgen we dat de dienstverlening, beveiligingsupdates en ondersteuning blijven doorgaan?
Bij een eenvoudige toepassing zijn de gevolgen van afhankelijkheid beperkt. Voor systemen die essentieel zijn voor je dienstverlening of gevoelige gegevens verwerken, weegt die afweging veel zwaarder.
Opensourcesoftware kan helpen om met verschillende leveranciers te werken en oplossingen opnieuw te gebruiken. Ze kan het ook gemakkelijker maken om software verder te laten ontwikkelen als een aanbieder wegvalt.
Kijk ook bij hardware verder dan de aankoopprijs. Hoelang zijn beveiligingsupdates gegarandeerd? Kun je onderdelen vervangen? En hang je voor onderhoud volledig af van één producent?
De regels voor overheidsopdrachten blijven gelden
Meer technologische autonomie betekent niet dat je bestuur automatisch voor Europese leveranciers moet kiezen. De regels voor overheidsopdrachten blijven gelden. Digitale afhankelijkheid verdient wel aandacht in je aankoop- en digitaliseringsbeleid.
De vraagstukken in de European Technological Sovereignty Package overstijgen echter de draagkracht van een individueel lokaal bestuur. Een gemeente kan voorwaarden opnemen in een bestek. Maar één lokaal bestuur kan niet afdwingen dat de hele softwaremarkt dezelfde standaarden gebruikt. Het heeft ook niet de capaciteit om zelf iedere cloudleverancier, onderaannemer of technische keten te beoordelen en af te toetsen aan nieuwe wetgeving.
Europa en andere overheden moeten daarom ook voor de nodige ondersteuning zorgen. Steden en gemeenten moeten kunnen vertrouwen op erkende labels, registers en classificaties. Zo hoeven ze niet telkens zelf complexe technische onderzoeken uit te voeren.
De VVSG pleit voor gezamenlijke publieke sturing
De Europese ambitie sluit aan bij de visie van de VVSG op digitale regie: lokale besturen moeten voldoende controle houden over de digitale uitvoering van hun beleid.
Voor één lokaal bestuur is het moeilijk om structurele afhankelijkheden te doorbreken. De marktverhoudingen zijn vaak te ongelijk. Bovendien zijn de technische en financiële gevolgen van een overstap vaak groot, omdat gegevens en werkprocessen nauw verweven zijn met de bestaande software.
De VVSG pleit daarom voor meer collectieve publieke regie over belangrijke digitale fundamenten, zoals gegevens, processen en gemeenschappelijke afspraken waarmee systemen informatie kunnen uitwisselen. Voor de VVSG is het uitgangspunt duidelijk: lokale besturen moeten zelf mee aan het stuur zitten. Maar ze moeten dat niet ieder voor zich doen.