De doorsnee gemeenteraad in Vlaanderen vandaag, een afstandelijke en slaapverwekkende bedoening? Niet zo in Lievegem, waar de raad, althans op deze donderdagavond, elk punt bloedserieus neemt en zonder verpinken door blijft debatteren tot een eind na middernacht. Agendagewijs gebeurt er veel, het meest memorabel is niettemin de kwestie die door een burger zelf naar de raad wordt gebracht.
Het publiek zit om acht uur vrij talrijk klaar in de raadzaal van het Huis van Lievegem, terwijl raadsvoorzitter Ann Boterdaele vooraf nog eens uitlegt wat hier wel en niet hoort: luisteren mag, reageren vanuit de zaal niet. Dat die verduidelijking vandaag nuttig is, heeft alles te maken met agendapunt twee. Voor het eerst komt een inwoner van Lievegem zelf een vraag stellen op de gemeenteraad. Voor het zover is, staat burgemeester Kim Martens stil bij twee recente gewelddadige incidenten. Hij veroordeelt de bekladding van een appartementsgebouw met een verwijzing naar Vlaams Belang en betuigt zijn medeleven na zinloos geweld aan het station van Waarschoot. Daarna kan de eigenlijke agenda beginnen.
Het woord gaat naar inwoner Van Wassenhove. Ze spreekt namens 574 ouders en grootouders die een petitie over de buitenschoolse kinderopvang ondertekenden. Over de opvang zelf en de kinderbegeleiders klinkt veel waardering, maar het nieuwe reservatiesysteem zit de ondertekenaars dwars. Ouders moeten ruim vooraf plannen en krijgen maar beperkte speelruimte bij ziekte of andere onverwachte gebeurtenissen. Voor veel gezinnen zou het systeem te weinig aansluiten bij de grilligheid van werk, school en gezinsleven. Ook is voor ouders niet altijd duidelijk tot wanneer ze kosteloos kunnen annuleren. Hun vraag: maak de regels soepeler, bekijk ook het sanctiesysteem opnieuw en stem de opvang beter af op de werkelijkheid van gezinnen.
De vraag houdt de zaal voor het grootste deel van de komende twee uur bezig. Tussenkomsten volgen elkaar snel op, beginnend bij de oppositie. Patrick Dossche van Vooruit herinnert aan vragen die zijn fractie eerder stelde over de hervorming van de opvang en over voldoende personeel. ‘Goed bestuur betekent ook evalueren en bijsturen,’ meent hij. Hij maakt vervolgens een omweg langs Denemarken, waar kinderopvang volgens hem veel sterker verweven zit met andere voorzieningen voor kinderen. Wouter De Muynck (N-VA) legt de nadruk op de lasten voor ouders. Hij vergelijkt Lievegem met omliggende gemeenten en vindt het systeem hier te streng en te duur.
Goede personeelsplanning is nodig, erkent hij, maar ‘ouders moeten zich aanpassen aan het systeem’ mag volgens hem niet de conclusie van het debat worden. Vanuit het publiek wordt hier en daar nadrukkelijk geknikt. Hans Nauwynck (Groen) herinnert zich de buitenschoolse opvang in het vroegere Zomergem als een sterke werking. Hij noemt de nieuwe organisatie een verdedigbare poging, maar vindt dat de reacties van ouders aanleiding geven om naar een compromis te zoeken. Ook Vlaams Belang vraagt dat de raad de nieuwe regeling opnieuw bekijkt.
‘Luisteren mag, reageren vanuit de zaal niet,’ verduidelijkt de voorzitter. Dat heeft alles te maken met agendapunt twee. In primeur komt een inwoner een vraag stellen op de gemeenteraad.'
Over naar de bestuursmeerderheid. CD&V-raadslid Tim Maenhout werkt zelf in de kinderopvang. De inhoud en de kwaliteit van de opvang wil niemand verminderen, zegt hij. Net daarom moet de gemeente vooraf zo goed mogelijk weten hoeveel kinderen op welke plek aanwezig zullen zijn. Met zeven opvanglocaties en moeilijk in te vullen deeltijdse vacatures kan onverwachte uitval snel tot problemen leiden. Het reservatiesysteem moet vooral voorkomen dat locaties op bepaalde momenten minder kinderen kunnen ontvangen of zelfs moeten sluiten.
Bevoegd schepen Caroline Fredrick vult dat verhaal aan met cijfers, historiek en de financiële kant van de buitenschoolse opvang. Ook de Vlaamse financiering verandert de komende jaren in het kader van het BOA-decreet. Het reservatiesysteem bestond eerder al in deelgemeente Zomergem en gaf volgens de schepen meer zicht op de nodige personeelsbezetting. Ze nodigt de ouders uit om mee rond de tafel te zitten in het lokale samenwerkingsverband.
De discussie blijft heen en weer gaan tot Vincent Laroy van Vrij Lokaal Lievegem vanuit de meerderheid een punt verwoordt waarop de standpunten stilaan dichter bij elkaar komen: beleid moet je kunnen evalueren en bijsturen. Vooruit wil daarop via een amendement een duidelijker opdracht tot evaluatie toevoegen aan de ‘kennisname’ uit het agendapunt. Uiteindelijk is het de meerderheid die zelf amendeert: het bestuur zal de regeling samen met het lokale samenwerkingsverband evalueren en, zodra voldoende gegevens beschikbaar zijn, waar nodig bijsturen. Die formulering krijgt ook de steun van de oppositie en wordt unaniem goedgekeurd.
De avond vult zich vervolgens met onderwerpen die alleen samen op een gemeenteraadsagenda vanzelfsprekend lijken: een klacht bij het Agentschap Binnenlands Bestuur die te maken heeft met transparantie in de gemeentelijke aanwervingsprocedures; huurcompensaties voor verenigingen; budgetten van vier kerkfabrieken; dotaties voor politie en brandweer; trage wegen die een naam moeten krijgen; meerdere grondverwervingen voor wegen-, riolerings- en fietspadwerken; intergemeentelijke samenwerkingen rond energie en klimaat enerzijds, wonen anderzijds.
Daarbij dient gezegd: het debat op de Lievegemse raad mag zonder overdrijven volwassen en respectvol worden genoemd. Bij de oppositie krijgt elkeen ampele gelegenheid voor opmerkingen en tegenspraak, de bestuursploeg deelt dan weer met verve de eigen visie en expertise, bij de toehoorder overheerst altijd de indruk van gemoedelijke discussie onder gelijken. De toon wordt nooit bits.
Omstreeks elf uur luidt agendapunt 26 een reeks schriftelijke en mondelinge vragen van de raadsleden in. De vraag van Vlaams Belang naar cijfergegevens over wat de federale beperking van de werkloosheidsuitkering in de tijd voor Lievegem betekent, raakt aan een heet hangijzer voor alle lokale besturen. BCSD-voorzitter Hilde De Graeve geeft helder uitleg over nieuwe leefloon- en activeringsdossiers, het werkingsbudget van de sociale dienst van het OCMW, de stijgende werkdruk bij de maatschappelijk werkers en de verwachte evoluties in de nabije toekomst.
De vragenronde heeft intussen zijn eigen tijdrekening ontwikkeld. Tegen middernacht is niemand nog verbaasd wanneer een zogenaamd mondelinge vraag van Vooruit-raadslid Kristof Creël bij nader inzien wel heel degelijk én schriftelijk voorbereid blijkt – en navenant uitvoerig uitvalt. —