Het Vlaams Energie- en Klimaatagentschap (VEKA) publiceerde eind september extra richtlijnen over de minimale levering voor huishoudens met een warmtepomp. OCMW’s krijgen daarmee meer duidelijkheid over wie in aanmerking komt en hoe ze dat tijdens het sociaal onderzoek nagaan.
Op 2 september berichtten we al over de nieuwe regels voor de minimale levering elektriciteit en Mijn Energiescan. VEKA verduidelijkt nu hoe OCMW’s de uitbreiding naar warmtepompen in de praktijk toepassen.
Welke warmtepompen komen in aanmerking?
Dit zijn de belangrijkste aandachtspunten:
- Een huishouden komt in aanmerking voor minimale levering voor elektriciteit als een warmtepomp de hoofdverwarming van de woning is.
- Gebruikt het huishouden een hybride warmtepomp als hoofdverwarming? Dan blijft de minimale levering voor aardgas gelden.
- Je kunt de minimale levering voor aardgas, accumulatieverwarming op exclusief nachttarief en elektriciteit voor een warmtepomp niet combineren.
Tijdens het sociaal onderzoek ga je na hoe je cliënt de woning verwarmt. Je kunt daarvoor samenwerken met het Energiehuis of een energiescan inzetten. Soms geeft ook het huurcontract voldoende informatie.
Meer details vind je in de richtlijn van VEKA voor de winter van 2026-2027(opent nieuw venster).
Bedragen volgen pas kort voor de winter
De bedragen voor de minimale levering liggen nog niet vast. De Vlaamse overheid berekent ze op basis van de meest recente energieprijzen en maakt ze in oktober 2026 bekend.
Voor warmtepompen gelden lagere bedragen dan voor accumulatieverwarming, omdat ze minder energie verbruiken. Het bedrag hangt ook af van het type woning, het verwarmingssysteem en het recht op het sociaal tarief.
De late bekendmaking maakt de voorbereiding voor OCMW’s in de praktijk niet altijd eenvoudig.