Vanaf 1 januari 2028 moet elke gemeente een geïntegreerd woon- en energieloket hebben. Lokale besturen bereiden zich hier in 2027 samen met hun energiehuis op voor. De nieuwe regeling verduidelijkt de taakverdeling, de samenwerking en de financiering. Gemeenten die extra investeren in lokaal energieadvies en begeleiding, kunnen via de cofinancieringsbonus extra dienstverlening van hun energiehuis krijgen.
De VVSG steunt de hervorming, maar vraagt voldoende Vlaamse middelen, respect voor lokale autonomie en een sterke basisdienstverlening in elke gemeente. Lees ons standpunt.
Vlaamse overheid versterkt de energiehuizen
Om de Vlaamse energiedoelstellingen te halen, moeten meer woningen sneller gerenoveerd worden. Daarom wil de Vlaamse Regering de energiehuizen versterken en nauwer laten samenwerken met steden en gemeenten. Ze wil meer gezamenlijke renovaties stimuleren, toegankelijke woon- en energieloketten uitbouwen en minstens 50% meer inwoners begeleiden bij renovaties.
De Vlaamse Regering keurde in september de wijzigingen aan het Energiebesluit definitief goed(opent nieuw venster). Het besluit past de basistaken en financiering van de energiehuizen aan. Het verduidelijkt ook de taakverdeling en samenwerking tussen gemeenten en energiehuizen.
Wat verandert er voor lokale besturen?
Gemeente wordt vanaf 2028 het eerste aanspreekpunt
Vanaf 1 januari 2028 moet elke gemeente via een laagdrempelig geïntegreerd woon- en energieloket basisinformatie aanbieden over wonen en energie. Die verplichting staat sinds 2025 in het Besluit Vlaamse Codex Wonen.
De nieuwe regeling voor de energiehuizen sluit daarop aan. De gemeente is het eerste aanspreekpunt voor inwoners. Ze geeft basisinformatie, helpt vragen te verduidelijken en verwijst waar nodig door naar de juiste dienst of partner.
Volgens de nota bij het besluit moeten inwoners zowel fysiek als digitaal met hun woon- en energievragen bij het loket terechtkunnen.
De dienstverlening steunt op vier pijlers:
- Informatie en doorverwijzing: de gemeente organiseert het loket, geeft basisinformatie, verduidelijkt vragen en verwijst gericht door. De gemeente draagt hiervoor de hoofdverantwoordelijkheid.
- Advies en begeleiding: inwoners krijgen persoonlijk advies en begeleiding op maat. Voor wonen is de gemeente of het intergemeentelijk samenwerkingsverband (IGS) hoofdverantwoordelijke. Voor energie is dat het energiehuis.
- Overkoepelende werking: het energiehuis ondersteunt het loket met onder meer klantenregistratie, gegevensuitwisseling, werkprocessen, opleidingen en kennisdeling.
- Bijkomende dienstverlening: het energiehuis organiseert extra dienstverlening rond collectieve renovatie op maat van de gemeente.
De eerste drie pijlers vormen samen de minimale dienstverlening van het geïntegreerde woon- en energieloket. De vierde pijler omvat extra dienstverlening via de cofinancieringsbonus.
Gemeente en energiehuis maken afspraken over hun samenwerking
De Vlaamse Regering wil dat gemeenten en energiehuizen duidelijke afspraken maken over hun samenwerking. Daarbij blijft er ruimte voor lokale autonomie. Wie hoofdverantwoordelijke is voor een taak, hoeft die taak niet noodzakelijk zelf uit te voeren.
Gemeenten en energiehuizen kunnen taken onderling verdelen of uitbesteden. Zo kan een gemeente zelf energieadvies of begeleiding aanbieden. Omgekeerd kan ze taken van het eerstelijnsloket tegen betaling aan het energiehuis overlaten.
Een goed lokaal partnerschap is daarbij belangrijk. Gemeente en energiehuis maken afspraken over de taakverdeling, financiering, werkprocessen, gegevensuitwisseling, klantenregistratie, communicatie en doorverwijzing.
Wil het energiehuis voor een gemeente aanspraak maken op de nieuwe bonusvergoeding? Dan moeten het energiehuis en de gemeente uiterlijk op 30 september 2027 een overeenkomst sluiten over de voorbereiding en samenwerking rond het geïntegreerde woon- en energieloket.
De Vlaamse administratie wil daarvoor standaardmodellen voor samenwerkingsovereenkomsten aanbieden.
Cofinancieringsbonus stimuleert extra lokale dienstverlening
De vierde pijler omvat extra dienstverlening rond collectieve renovatie op maat van de gemeente. Het Vlaams Energie- en Klimaatagentschap (VEKA) werkt in het najaar van 2026 aan een keuzekader met collectieve acties. Energiehuizen kunnen daaruit acties voorstellen die ze samen met een of meerdere gemeenten organiseren.
Gemeenten die extra investeren in energieadvies en begeleiding aan het loket, kunnen via de cofinancieringsbonus aanvullende dienstverlening van hun energiehuis krijgen.
Volgens het goedgekeurde besluit moet een gemeente daarvoor minstens 1 euro per privaat huishouden bijdragen, of een gelijkwaardige personeelsinzet leveren. Volgens de nota bij het besluit doet het merendeel van de gemeenten dat vandaag al.
Het energiehuis kan voor die gemeente vervolgens een Vlaamse bonus van 1 euro per privaat huishouden ontvangen. Met die middelen organiseert het extra dienstverlening rond collectieve renovatie, voor één gemeente of voor verschillende gemeenten samen.
VVSG volgt de verdere uitwerking op
De VVSG volgt de verdere uitwerking van de nieuwe regeling op. Heb je vragen of aandachtspunten? Geef ze ons mee. Zo nemen we jouw signalen mee in het overleg met de Vlaamse overheid.