De Vlaamse overheid werkt aan veertien regionale zorgzones die de zorg en het welzijnsaanbod beter op elkaar moeten afstemmen. Die hervorming heeft een rechtstreekse impact op het lokaal sociaal beleid. De VVSG vraagt daarom dat lokale besturen mee beslissen over het regionale zorgbeleid, zonder extra bestuursstructuren op te richten. Ook de autonomie van de eerstelijnszones moet behouden blijven.
Centrale rol voor veertien regionale zorgzones
Op 3 juli 2026 stelde de Vlaamse Regering haar plannen voor een nieuw regionaal zorgniveau voor. Op 17 juli bakende ze veertien regionale zorgzones af.
Die zorgzones krijgen stap voor stap een grotere rol. Ze stemmen zorg- en welzijnsnetwerken op elkaar af en helpen om zorg beter te organiseren. Op langere termijn krijgen ze ook taken rond het plannen van het zorgaanbod en het afstemmen ervan op de behoeften van de bevolking.
De eerstelijnszones blijven verantwoordelijk voor de lokale samenwerking tussen zorg- en welzijnsactoren, met zorg en ondersteuning op maat van de persoon als uitgangspunt.
Lokale besturen moeten rechtstreeks mee beslissen
Regionale keuzes beïnvloeden het lokaal sociaal beleid. Toch krijgen lokale besturen in de voorgestelde structuur niet vanzelfsprekend een eigen plaats aan de overleg- en beslissingstafel. Hun vertegenwoordiging via de zorgraden volstaat volgens de VVSG niet.
Daarom vragen we dat lokale besturen rechtstreeks meepraten en meebeslissen in elke regionale zorgzone. Zowel grote als kleine besturen moeten voldoende vertegenwoordigd zijn, net als de lokale besturen uit elke eerstelijnszone.
Lokale besturen kennen hun inwoners en de lokale zorg- en welzijnsnoden. Ze investeren ook zelf in regionale samenwerking, bijvoorbeeld via intergemeentelijke preventiewerkers. Die inzet moet gepaard gaan met echte inspraak en een duidelijke meerwaarde.
Vermijd extra structuren
Tegen 2030 wil Vlaanderen afstappen van een verplichte aparte vzw voor elke zorgraad. In de plaats komt volgens het voorstel één erkende vzw per regionale zorgzone. Die zou onder meer personeel tewerkstellen, subsidies beheren en middelen verdelen.
De VVSG waarschuwt voor extra structuren en dubbel werk. Er bestaan vandaag al interlokale verenigingen, intercommunales en andere vormen van intergemeentelijke samenwerking.
De VVSG vraagt om die bestaande samenwerkingsvormen eerst te onderzoeken als alternatief voor nieuwe regionale vzw's.
Wij willen dat de regionale zorgzones voortbouwen op de bestaande eerstelijnszones. Die moeten voldoende ruimte behouden om vanuit hun kennis van de lokale praktijk het regionale beleid mee vorm te geven.
Daarbij geldt een eenvoudig principe: organiseer alleen op regionaal niveau wat daar een duidelijke meerwaarde biedt. Zo vermijd je dubbel werk en behouden lokale besturen en eerstelijnszones hun slagkracht.
Stem hervormingen op elkaar af
De VVSG vraagt de Vlaamse overheid om de rechtstreekse en evenwichtige vertegenwoordiging van lokale besturen expliciet vast te leggen.
Vanaf het najaar van 2026 moeten lokale besturen mee vormgeven aan de regionale bestuursstructuur, met het oog op de invoering tegen 2030.
Ook de Vlaamse en federale hervormingen moeten op elkaar aansluiten. De hervorming van het ziekenhuislandschap en die van de eerstelijnszorg beïnvloeden elkaar. Goede afstemming moet tegenstrijdige gebiedsindelingen, dubbel werk en extra bestuurslast voorkomen.