Activering staat hoog op alle agenda’s. Lokale besturen staan in voor de activeringsbegeleiding van mensen met een leefloon richting een duurzame tewerkstelling. Door de beperking in de duur van de werkloosheidsuitkering zal de doelgroep van OCMW’s aangroeien. Dit vergroot ook de druk op lokale besturen. Activering bij het OCMW wordt meestal gelijkgesteld aan tewerkstelling via artikel 60 §7. In Kortrijk kiezen ze voor een brede, intensieve werkwijze op maat van de cliënt.
De maatschappelijk werker van het wijkgericht sociaal werk en de trajectbegeleider van werk en activering zijn samen verantwoordelijk voor hun cliënten. Zodra iemand kleine stappen naar werk kan zetten, start er een activeringstraject. Maar veel cliënten zijn bij de start van een activeringstraject nog niet klaar voor betaald werk. Zij moeten eerst werken aan algemene vaardigheden, attitudes, taalkennis, structuur en randvoorwaarden zoals kinderopvang.
Daarom zet de trajectbegeleider vaak eerst een onbezoldigd activeringstraject op waar werkervaring op een werkvloer wordt aangeboden. Dit zijn vaak deeltijdse trajecten in combinatie met bijvoorbeeld de lessen Nederlands waar de cliënt al mee gestart is, of de zorg voor de kinderen. Deze deeltijdse werktrajecten bezorgen zowel de cliënt als de trajectbegeleider waardevolle informatie in de verdere oriëntering van het traject. De trajectbegeleider kan met deze informatie beter beoordelen welk vervolg haalbaar is en ook de cliënt krijgt een realistischer beeld van de werkvloer. Een voorbeeld van een werkplek voor onbezoldigde activeringstrajecten is meubelopknapperij Stal 13. (zie omslagfoto)
Kortrijk beschikt over een rijk palet aan eigen werkvloeren, gaande van de Leerwerkplaats (technische beroepen zoals hout, elektriciteit en onderhoud) tot het opleidingsrestaurant Vork (Volksrestaurant Kortrijk) en FoodAct13, dat voedseloverschotten ophaalt en herverdeelt. Alle interne diensten worden grondig bekeken als mogelijke leerwerkplek — zowel voor artikel 60-tewerkstelling als voor onbezoldigde activeringstrajecten. Zo zitten er bijvoorbeeld mensen in een onbezoldigd traject of een artikel 60-tewerkstelling in een functie als logistiek medewerker in een wijkteam, data-analist, ondersteuner in de bibliotheek, communicatiemedewerker, administratief ondersteuner in team administratie sociale dienst... binnen stad en OCMW.
De nieuwe regelgeving betreffende werkloosheidsuitkeringen die beperkt worden in de tijd, zal het er voor de stad niet eenvoudiger op maken, maar het team gaat ervan uit dat de bestaande manier van werken ook bij die doelgroep zal lonen.
Doorstroom naar de arbeidsmarkt
De interne en externe werkvloeren zijn natuurlijk geen einddoel, maar een tussenstap in een traject naar duurzame tewerkstelling in het reguliere economisch circuit.
Werk en Activering Kortrijk beschikt over een heel ruim netwerk privéwerkgevers, in 2024 werkte het met 19 daarvan samen in functie van artikel 60-privétewerkstelling. Het team onderhoudt zeer nauwe contacten met bedrijven en de uitzendsector, sectorfondsen en accountmanagers van VDAB. Er wordt hard gewerkt aan gerichte jobacties en jobbeurzen: een zitdag van een uitzendbureau specifiek voor de doelgroep van Werk en Activering met gerichte feedback is daarvan een voorbeeld. Om de werkervaring zo reëel mogelijk te maken en de doorstroomkansen te vergroten loopt er momenteel een proefproject waarbij een groep van leerwerknemers op een privéwerkvloer werkt met een eigen werkvloerbegeleider.
Dit verlaagt drempels voor werkgevers: het biedt hen een zekere kwaliteitsgarantie en de mogelijkheid gericht de juiste mensen aan te werven.
Taal: een essentieel activeringselement
Voor cliënten met beperkte kennis van het Nederlands en weinig tot geen werkervaring bestaat er een specifiek voortraject voor anderstaligen. Daar wordt een groep van telkens een twaalftal mensen gedurende drie maanden intensief voorbereid op werk of opleiding. Drie keer per week volgen ze vorming op maat: van arbeidsmarktoriëntatie tot sollicitatietraining, van basic computerlessen tot werkvloerbezoeken.
Ze combineren dit met hun reguliere lessen Nederlands in een CVO (centrum voor volwassenenonderwijs) of LIGO (centrum voor basiseducatie). Deze voorbereiding vormt vaak de opstap naar een stage of onbezoldigd een activeringstraject. Een van de grootste hinderpalen om te starten op een werkvloer is het beperkte taalniveau van anderstalige cliënten. Daarom maken ze in Kortrijk gebruik van taalcoaching op maat. Deelnemers krijgen minimaal tien uur individuele taalcoaching, gericht op het begrijpen van instructies en vakjargon.
Deze taalcoaching krijgen de meeste anderstaligen die opstarten op een werkvloer. Naast de individuele sessies is er ook groepscoaching Nederlands op de eigen werkvloeren. In de leerwerkplaats wordt dit aangevuld met rekenles – essentieel voor technische profielen waar exacte metingen en hoeveelheden van belang zijn.
De taalcoach experimenteert ook nog met sessies Nederlands in de zorg en Dialect in de zorg in woonzorgcentra. Zo raken nieuwe medewerkers wegwijs in het West-Vlaams, dat vaak veraf staat van standaard NT2.
Mobiliteit
Naast taal is ook mobiliteit een belangrijke drempel. Fietslessen kunnen dan een oplossing zijn. Hiervoor werkt de stad samen met de sportdienst en met een externe aanbieder. Bovendien stelt ze (tijdelijk) ook zowel gewone als elektrische fietsen ter beschikking om de weg tussen huis en werkplek te kunnen afleggen. Tijdens het traject werken de begeleiders toe naar een duurzame mobiliteitsoplossing.
Uitdagingen en ambitie
De Kortrijkse strategie werd de voorbije jaren sterk uitgewerkt, en dat loonde ook. Het aantal tewerkstellingen zit in de lift, steeds meer mensen kunnen beter voorbereid doorstromen. Zo is er een verdubbeling van het aantal artikel 60-tewerkstellingen in privébedrijven in 2024, vergeleken met 2023 en 2022. De nieuwe regelgeving betreffende werkloosheidsuitkeringen die beperkt worden in de tijd, zal het er voor de stad niet eenvoudiger op maken, maar het team gaat ervan uit dat de bestaande manier van werken ook bij die doelgroep zal lonen. Maar het blijft natuurlijk steeds zoeken en experimenteren om zoveel mogelijk mensen op een goede manier te laten starten en blijven op de arbeidsmarkt. —