Auteur:

Gepubliceerd op: 01-07-2020

Het Vlaamse regeerakkoord voorziet in enkele ingrijpende wijzigingen aan het toewijzingsbeleid voor sociale woningen. Concreet wil de Vlaamse Regering het puntensysteem van de sociale verhuurkantoren afschaffen en zo komen tot één toewijzingssysteem dat gebaseerd is op chronologie. Ook wil men de voorrangsregel van lokale binding strenger maken. Daarnaast zal men een middelentoets invoeren bij de inschrijving en toewijzing van een sociale woning, waarbij ook een controle op eigendommen in het buitenland mogelijk zal gemaakt worden. Tegelijk wil de Vlaamse Regering  de gemeenten de mogelijkheid bieden om maximaal 50% van het totale aantal sociale huurwoningen in de gemeente met voorrang kunnen toewijzen aan specifieke doelgroepen. Aan huurders van wie de huurovereenkomst door de vrederechter werd ontbonden door zijn schuld wil men gedurende drie jaar een verbod opleggen om zich in te schrijven bij dezelfde of een andere sociale huisvestingsactor.

Lokale besturen zijn volgens de Vlaamse Wooncode de regisseurs van het lokale woonbeleid, waardoor ze lokaal de woonproblematiek moeten aanpakken. Eén van de opdrachten voor het lokaal bestuur in de Vlaamse Wooncode is specifieke aandacht voor de meest kwetsbare woonbehoeftigen hebben en zorgen voor een betaalbaar en sociaal woonaanbod. De toewijzingsregels binnen de sociale huur zijn dan ook van groot belang voor de lokale besturen.

De voorbije maanden hebben de bestuursorganen van de VVSG over deze beleidsvoornemens een standpunt bepaald:

  • De VVSG vraagt realistische simulaties van de potentiële gevolgen van de aangekondigde beleidsmaatregelen, vooraleer er definitieve beslissingen genomen worden. De aangekondigde wijzigingen houden immers toch het risico in dat de woonproblematiek verschoven wordt naar het lokale niveau. Het lijkt erop dat de toegang voor heel wat kwetsbare gezinnen moeilijker kan worden. Er moeten dus voldoende alternatieven zijn. Het groter woonaanbod dat kan toegewezen worden via een lokaal toewijzingsreglement biedt hier misschien kansen. 
  • Meer woningen kunnen toewijzen via een lokaal toewijzingsreglement vergroot de regiekracht van de gemeenten. Het biedt een kans om het toewijzingsbeleid meer op maat van de gemeente te maken. Verdere analyse is wel nodig om na te gaan of dit het wegvallen van het puntensysteem volledig kan ondervangen. De afschaf van het huidige SVK-puntensysteem kan voor de VVSG enkel als men de nieuwe woningactor instrumenten verschaft die ervoor zorgen dat de SVK-doelgroep (meest kwetsbare huurders met acute woningnood en nood aan huurbegeleiding) ook in de toekomst in de sociale huisvesting een plaats heeft.
  • De VVSG onderschrijft een middelentoets en een controle op eigendom in het buitenland, zodat sociale woningen kunnen toegewezen worden aan wie er nood aan heeft. Sociaal wonen is immers een verhaal van rechten en plichten. De lokale besturen ijveren voor een werkbaar en betaalbaar systeem voor alle sociale verhuurders, zodat de kandidaat huurders in gans Vlaanderen gelijk behandeld kunnen worden.
  • De huurder – verhuurderrelatie er één is van rechten en plichten voor elke partij. Maar toch vindt de VVSG dat het verbod tot inschrijving voor een sociale woning gedurende drie jaar na een uithuiszetting door de vrederechter een uitzonderingsmaatregel moet zijn. Tegelijk moet er nagedacht en geïnvesteerd worden in een kwaliteitsvol alternatief voor problematische situaties.
  • Het behoud van de versnelde toewijzing is een goede maatregel. Maar er moet nagegaan worden hoe deze maatregel nog versterkt kan worden voor elk lokaal bestuur. VVSG pleit onder meer voor voldoende begeleidingscapaciteit om voor de goede uitvoering van de versnelde toewijzing te kunnen zorgen. Een sterkere regierol in dit instrument is eveneens aangewezen.

Algemeen vraagt de VVSG ook dat elke wijziging aan de sociale huurreglementering gepaard gaat met een streven naar meer transparantie en helderheid en een minder complexe regelgeving.

Joris Deleenheer