Mensen op straat

Auteur:

Gepubliceerd op: 17-07-2019

Het Agentschap Binnenlands Bestuur (ABB) bracht in een nota de verhuisbewegingen van de erkende vluchtelingen en subsidiair beschermden van 1 januari 2014 tot en met 27 januari 2019 in kaart. ABB maakte voor alle Vlaamse gemeenten met meer dan 20.000 inwoners en voor de 19 Brusselse gemeenten fiches met de in- en uitstroomgegevens. De fiches bevatten per gemeente niet alleen data over geslacht, leeftijd en nationaliteit, ze geven ook aan hoeveel verblijfsdocumenten de gemeente in 2017 afleverde voor gezinshereniging aan familieleden van een erkend vluchteling of een begunstigde van subsidiaire bescherming.

Enkele vaststellingen

  • De instroom komt vooral uit bepaalde landen, namelijk Syrië, Afghanistan, Irak, Somalië en Eritrea. De beschermingsgraad voor deze landen is hoog, waardoor veel van deze mensen zich na bescherming (erkend vluchteling of subsidiaire bescherming) vaak definitief vestigen in ons land.
  • Voor alle cohorten sinds 2015 stelde ABB vast dat de grootste verhuisbeweging tussen regio’s gebeurt in de periode kort na de erkenning. Nadien zijn er ook nog wel verhuisbewegingen maar in veel beperktere mate. Van de personen die in het Vlaams Gewest wonen bij hun positieve beslissing, blijft ook 89% in het Vlaams Gewest wonen. Voor personen in Brussel is dit 76% en voor personen in het Waals Gewest 46%.
  • Naast Brussel trekken vooral de provincies Antwerpen, Oost-Vlaanderen en West-Vlaanderen vluchtelingen aan. Ook Vlaams-Brabant trekt meer personen aan dan het verliest. Uit Limburg en alle Waalse provincies trekken vluchtelingen weg, al is dit het minst uitgesproken in de provincie Luik. Vluchtelingen trekken na hun positieve beslissing vaker naar de grootsteden (Antwerpen, Gent en Brussel) en naar de centrumsteden. Ook ‘kleinstedelijk gebied op provinciaal niveau’ trekt personen aan. Zij trekken weg uit minder verstedelijkte gebieden (en het Waals Gewest).
Sabine Van Cauwenberge