Auteur:

Gepubliceerd op: 08-04-2019

Vandaag kunnen springstoffabrieken en opslagplaatsen enkel met een vergunning opgericht, verbouwd en verplaatst worden. Het college van burgemeester en schepenen of de deputatie neemt kennis, voert onderzoek, geeft advies en verleent de vergunning. Wanneer springstoffen de openbare veiligheid in gevaar brengen, mag de burgemeester of gouverneur producten doen aanslaan, na advies van de FOD Economie. De procedure vinden we terug in het Algemeen Reglement op de Springstoffen (ARS) van 23 september 1958.

De minister van Economie werkte de voorbije jaren aan een modernisering van het ARS, naar aanleiding van onder meer nieuwe Europese normen inzake productveiligheid. Dat gebeurde in samenwerking met diverse stakeholders, waaronder VVSG en Netwerk Brandweer. Eerder werden al de regels over de verkoop gewijzigd. Een ontwerp van Koninklijk Besluit voor over de opslag van springstoffen, samen met een aantal technische nota's, werd opgesteld maar is nog steeds niet verschenen. Dus blijft de procedure voorlopig bij het oude.

Het ontwerp bepaalt dat gemeente en provincie in de toekomst geen actieve rol meer zullen spelen bij het afleveren van een vergunning voor opslagplaatsen en springstoffabrieken. De minister en zijn diensten zullen dan volledig zelf die beslissing kunnen nemen. Afhankelijk van het type opslagplaats zal een melding aan of een vergunning van de FOD Economie nodig zijn. Er wordt ook in vrijstellingen voorzien.

Wanneer het ontwerp verschijnt, zal de bevoegdheid van gemeenten en provincies dus verdwijnen om advies te geven. Dergelijk advies kan nochtans nuttig zijn in functie van de geografische ligging, plaatselijke milieuomstandigheden en openbare veiligheid. Een andere reden om de gemeente in de procedure te betrekken is dat dergelijke vergunning zich, wat betreft de locatie, moet conformeren aan de stedenbouwkundige bestemming. Daar heeft de federale wetgever immers geen bevoegdheid in.​

Meer informatie over de opslag van vuurwerk in kleinhandel en andere opslagplaatsen.

Tom De Schepper