Fusiegemeente

Auteur:

Gepubliceerd op: 13-07-2020

De Vlaamse regering neemt opnieuw schulden over van gemeenten die de komende jaren willen fusioneren. Voorwaarde is wel dat de nieuwe gemeente ten minste 20.000 inwoners telt. Dat blijkt uit de conceptnota die de Vlaamse regering op 10 juli goedkeurde.

Op 1 januari 2019 smeltten vijftien Vlaamse gemeenten samen tot zeven nieuwe fusiegemeenten. De huidige Vlaamse regering is van oordeel dat gemeenten aan bestuurskracht kunnen winnen op deze wijze en voorziet daarom opnieuw middelen en ondersteuning voor gemeenten die willen samengaan.

De belangrijkste stimulans bestaat uit een schuldovername van €200 per inwoner voor fusies die 20.000 tot 25.000 inwoners behelzen, €300 per inwoner voor fusies tussen 25.000 en 30.000 inwoners, €400 per inwoner voor fusies met 30.000 tot 35.000 inwoners en €500 per inwoner voor fusies met meer dan 35.000 inwoners. Het maximum van de schuldovernames bedraagt maximum 50 miljoen.

De VVSG vindt het goed dat de maximale schuldovername van 20 naar 50 miljoen euro gaat, maar betreurt dat gemeentefusies die niet tot een nieuw bestuur van minstens 20.000 inwoners leiden niet langer financiële steun krijgen. Dat kan ertoe leiden dat potentiële fusies niet doorgaan omdat de kosten de baten overstijgen of dat men geforceerd zoekt naar een partner die de fusie boven de inwonersdrempel tilt. Verder had de VVSG voorgesteld om ook het aantal betrokken gemeenten te laten meespelen bij het bepalen van de bonus. Een samenvoeging van drie of meer gemeenten is immers een stuk complexer dan een fusie van twee gemeenten. De Vlaamse regering ging ook niet in op de vraag van de VVSG om een alternatieve bonus uit te reiken aan besturen die minder schulden hebben dan wat potentieel kan overgenomen worden.

Belangrijk is verder dat gemeenten met fusieplannen kunnen rekenen op ondersteuning door de Vlaamse overheid. Die is van plan om de regelgeving nog meer ‘fusievriendelijk’ te maken en wil dit ook bepleiten bij de federale overheid. Wat dan weer helemaal ontbreekt in de conceptnota, is een voornemen om de fusie van of met faciliteitengemeenten bespreekbaar te maken. De VVSG had de Vlaamse regering een engagement gevraagd om dit op het federale niveau te bepleiten, want Vlaanderen is hiervoor niet bevoegd. Het gaat in totaal om twaalf Vlaamse gemeenten die dus niet de mogelijkheid hebben om, als ze dat zouden willen, samen te gaan met een ander bestuur.

Aan de fase voorafgaand aan de fusie verandert niets, met eerst een principiële en vervolgens een definitieve beslissing, waarin de betrokken gemeenten ook de naam van de nieuwe gemeente voorstellen. Het is uiteindelijk de Vlaamse regering die via een ontwerpdecreet de fusie ter goedkeuring voorlegt aan het Vlaamse parlement.

Er komen wel enkele maatregelen die het mogelijk maken om voor de fusiedatum zelf de samenvoeging optimaal voor te bereiden, denk aan personeelsmobiliteit tussen de besturen met fusieplannen. Verder voorziet de Vlaamse overheid in een afwegingskader voor de betrokken besturen. Voor de VVSG staan twee elementen centraal in de motivering van een fusie: enerzijds moet de kans groot zijn dat de samenvoeging de bestuurskracht zal versterken en anderzijds zal de fusie ook moeten passen binnen de lopende regiovorming.

De komende maanden wordt de conceptnota over fusies omgezet in regelgeving. Gemeenten met fusieplannen weten nu dus waar ze aan toe zijn.

Jan Leroy