Auteur:

Gepubliceerd op: 22-04-2021

Op ruimtelijk vlak was er geen sprake van een paaspauze. Er werd de afgelopen weken verder gediscussieerd over de bouwshift, met name dan over de cijfers van kleine en grote stukken grond.  Gemeenten willen overbodige bouwgrond schrappen. Dat we daarbij focussen op de grote gebieden lijkt ons logisch, hoewel kleinschalige herbestemmingen ook belangrijk zijn, bijvoorbeeld om in kernen parkjes te kunnen behouden of aanleggen. Een recente studie van de HoGent gaat in op waar de grote ‘winsten’ van de bouwshift  te boeken zijn. De conclusie is dat de bouwshift relatief het gemakkelijkst wordt gerealiseerd als we onze energie inzetten om de grote slecht gelegen bouwgronden niet te ontwikkelen. Bovendien wijst de studie erop dat we ons niet louter mogen focussen op de woon(reserve)gebieden, maar dat ook elders nog grote hoeveelheden gronden liggen met een harde bestemming waarvan het onwenselijk is dat we ze bebouwen, zoals bedrijventerreinen. 

Daarnaast ging het bij de start van de paaspauze in het Vlaams parlement over de voorgenomen wijziging van de berekening van de planschade. Planschade moet worden betaald als een stuk grond door herbestemming minder waard wordt. Een goede inschatting van de kost en een discussie wat een billijke vergoeding is, is echter nooit gebeurd. Zuhal Demir, Vlaams minister van Omgeving riep gemeenten op het Open Ruimtefonds (ook) te gebruiken voor herbestemming van slecht gelegen bouwgronden. Daarnaast kondigde de minister de oprichting van een Taskforce aan die nagaat wat de (financiële) impact van de voorngenomen wijziging van de planschaderegeling is. 

Een wijs besluit, vindt de VVSG, ook al betekent dit dat de behandeling van het Instrumentendecreet en de stolp over de woonreservegebieden in het parlement even op zich laat wachten. Door de voorgenomen wijziging van de planschaderegeling onbetaalbaar en onbillijk Een goede analyse en doorrekening vooraf is noodzakelijk. 

Xavier Buijs