Auteur:

Gepubliceerd op: 02-06-2020

De Vlaamse Regering erkent de omvangrijke kosten die de residentiële voorzieningen maakten n.a.v. de COVID-19-crisis en keurde een besluit goed dat in een financiële tegemoetkoming voorziet. De belangrijkste punten van dit besluit:

  • Dit besluit is o.a. van toepassing op de woonzorgcentra en centra voor kortverblijf;
  • Dit besluit dekt de volgende kosten:
    • de investeringen in roerende en onroerende infrastructuur die noodzakelijk zijn om de opvangcapaciteit te verhogen, aan te passen of in haar oorspronkelijke staat te herstellen;
    • de financiering van het beschermingsmateriaal, de desinfecteringsproducten, het testmateriaal, de wasserij en de speciale afvalverwerking.
  • De woonzorgcentra en centra voor kortverblijf hebben recht op een forfaitaire subsidie van 200 euro per erkende woongelegenheid. Voor deze forfaitaire subsidie hoeven zij geen kosten te verantwoorden.
  • De woonzorgcentra en centra voor kortverblijf kunnen naast deze forfaitaire subsidie een bijkomende subsidie aanvragen om de kosten te vergoeden. Het totale bedrag van de subsidie bedraagt maximaal 600 euro per erkende woongelegenheid.
    • De voorziening moet in dit geval de volledige kosten kunnen aantonen en dient op elektronische wijze een dossier in bij het VIPA.
    • Aantoonbare kosten zijn de kosten (zoals hierboven omschreven) die gemaakt zijn tussen 1 maart 2020 en 29 mei 2020. De facturen en stavingstukken die dateren van na 29 mei 2020 kunnen alleen worden ingediend als de voorziening kan aantonen dat de bestelling voor 29 mei 2020 werd geplaatst.

Via het kabinet vernamen wij dat het forfait van 200 euro per erkende woongelegenheid WZC/CVK zal uitbetaald worden in de loop van juli. De bijkomende subsidie op basis van facturen zal aangevraagd kunnen worden vanaf ingebruikname e-loket VIPA (voorzien begin november).

Naast de goedkeuring van dit besluit heeft de Vlaamse Regering ook beslist om:

  • een methodiek uit te werken die in staat moet stellen om gedurende een langere periode de voorzieningen te ondersteunen, maar ook te responsabiliseren bij hun aankopen van het beschermingsmateriaal en de desinfecteringsproducten;
  • in tussentijd het agentschap Facilitair Bedrijf verder te belasten met de aankoop en verdeling van het door de voorzieningen benodigde beschermingsmateriaal en benodigde desinfecteringsproducten, in eerste instantie voor de periode tot 30 juni 2020.

Voor de toekomstige periode gaat Vlaanderen dus verder in overleg over hoe de aankoop en financiering van het beschermend materiaal wordt opgenomen. Hierover zijn de gesprekken in de taskforce ook lopende.

Evi Beyl