Infografiek uithuiszettingen 2019

Auteur:

Gepubliceerd op: 05-09-2019

In 2018 dreigden in Vlaanderen naar schatting 12.070 huurders uit hun woning te worden gezet, vaak wegens wanbetaling. Dat zijn er 232 per week. Het cijfer is de laatste jaren stabiel, al blijft het zeer hoog. Grootste probleem is het gebrek aan goede, betaalbare huurwoningen. Dat blijkt uit een bevraging van de Vereniging van Vlaamse Steden en Gemeenten (VVSG) bij haar leden. Wonen is een grondrecht. Daarom vraagt de VVSG van de volgende regeringen een pak maatregelen op vlak van preventie, inkomen en goede, betaalbare woningen.

Cijfers blijven te hoog

In 2018 werden in Vlaanderen 12.070 huishoudens bedreigd met uithuiszetting. ‘De cijfers zijn de laatste jaren wel stabiel, al blijven ze dramatisch hoog, zeker als je weet dat hier ook gezinnen met kinderen tussen zitten. Alle overheden deden inspanningen maar toch slagen we er niet in de spiraal te doorbreken; dit mag nochtans niet het nieuwe normaal worden,’ zegt Wim Dries, voorzitter van de VVSG.

Geen goede, betaalbare huisvesting

Het gaat om huurders waarvan de verhuurder naar het vredegerecht stapt om het huurcontract te laten ontbinden. Het vredegerecht brengt het OCMW dan op de hoogte in de hoop dat zij nog een oplossing kunnen vinden. Vaak tevergeefs. Een gebrek aan goede, betaalbare en energiezuinige woningen voor mensen met een laag inkomen en te lange wachtlijsten voor sociale huisvesting zijn de grootste problemen, zo blijkt uit de bevraging. ‘Ook mensen die niet in aanmerking komen voor een sociale woning, vinden moeilijk goede, betaalbare huisvesting,’ luidt het. ‘De privémarkt voor onze cliënten is eenvoudig te schetsen: geschikte woningen zijn te duur, en de goedkopere zijn slecht en niet in orde. In de praktijk eindigt een conflict met de verhuurder doorgaans met het verlaten van de woning, al dan niet gedwongen. Uiteindelijk komen ze dan terecht bij familie, vrienden, in de crisisopvang of tenslotte, op straat,’ zegt Sonia Guilmet van het OCMW in Tienen.

Wederzijdse rechten en plichten

Een huurovereenkomst brengt voor beide partijen rechten en plichten met zich mee. Dat zoveel huishoudens moeten verhuizen, ligt vooral aan te lage inkomens, zich niet houden aan de verplichtingen en een gebrek aan vaardigheden, waardoor het geduld van een verhuurder opraakt. 'Een alleenstaande ouder met een leefloon van 1250 euro per maand, besteedt op de private huurmarkt vaak meer dan 40% van zijn inkomen aan huur. Een goed appartement kost hier al snel 700 euro per maand. Tel daar nog water en energie bij en ze komen automatisch in de problemen,' zegt Sofie Robeyn van OCMW Overijse. ‘Financiële tussenkomsten in de huur lossen de problemen niet op; vaak hebben deze mensen tal van problemen: ze hebben geen werk, kunnen hun budget niet beheren, onderhouden de woning niet,… dat maakt begeleiding érg belangrijk,’ klinkt het. De VVSG hoopt op verbetering door het Fonds ter Bestrijding van Uithuiszettingen, het hervormde Huurgarantiefonds. Dat legt een sleutelrol bij het lokale bestuur en geeft hen meer slagkracht om te bemiddelen zodat een uithuiszetting kan worden vermeden. Lokale huurbemiddelingsprojecten zoals in Antwerpen waar men ingrijpt zodra een verhuurder een probleem signaleert, werpen hun vruchten af.

Tal van maatregelen nodig

De VVSG vraagt de centrale overheden om samen met de lokale besturen te zorgen voor een globale aanpak. Die moet leiden tot meer betaalbare en kwaliteitsvolle woningen voor mensen met een laag inkomen en voor wie net boven de inkomensgrenzen voor sociaal wonen zit. Dat betekent o.a.:

  • hogere minimuminkomens met voldoende spanning met inkomen uit arbeid. Werken moet altijd interessanter zijn dan een uitkering. Er moet ook blijvend worden ingezet op activering, dit is een van de beste maatregelen tegen (woon)armoede.
  • nog meer inzetten op sociale woningen, inclusief een verdere versterking van de Sociale Verhuurkantoren (SVK’s).
  • huurbemiddeling en nieuwe innovatieve vormen van wonen verdienen steun.
  • verdere uitbreiding van de huursubsidie en -huurpremie voor wie op de private huurmarkt aangewezen blijft. De wachttijd van 4 jaar voor een huurpremie, moet naar beneden.
  • een regelmatige evaluatie en bijsturing van het Fonds ter Bestrijding van Uithuiszettingen, samen met de VVSG.
  • oprichting van een Centraal Huurwaarborgfonds
  • ondersteuning van de lokale besturen om mensen met woon- en andere problemen te begeleiden en structurele oplossingen te zoeken voor hun situatie. 
Nathalie Debast