Provider image

Contactonderzoek is een belangrijk wapen tegen de snelle verspreiding van het coronavirus. Wanneer men in kaart kan brengen wie zoal contact heeft gehad met een besmette persoon, kan men hen ook het nodige advies verschaffen om een verdere opflakkering te vermijden. We brengen de meest relevante informatie en bepalingen voor lokale besturen samen.

Waar pleit VVSG voor?

Eind juli lanceerden wij ons pleidooi voor één systeem van contactonderzoek. Het initiatief en de opstart moet van de Vlaamse overheid komen, maar een sterke lokale inbedding mag hierbij niet ontbreken. Lokale besturen staan dicht bij de mensen en het is dan ook logisch dat ze mee ingeschakeld worden om o.a. moeilijk bereikbare groepen te contacteren en informeren. Verder willen we dat de reeds bestaande initiatieven en ervaringen van lokale besturen in verband met contactopsporing mee opgenomen worden in het centrale Vlaamse systeem.

Webinar met procesverloop en FAQ's contactopsporing

Op 4 augustus organiseerden we een webinar samen met minister van Welzijn Wouter Beke over de concrete stappen bij contactopsporing en de rol die lokale besturen hierin kunnen spelen. De minister beantwoordt tijdens de webinar ook veelgestelde vragen over het dashboard, de doorstroom van informatie bij besmettingen, het lokale antwoord op COVID-incidenten en de wijze waarop besturen quarantaines mee kunnen opvolgen. De antwoorden op deze FAQ's kan je ook raadplegen op de website van Zorg en Gezondheid.

Van drie scenario’s naar complementair en ondersteunend werken en semi-autonoom werken

Bij een aantal lokale besturen leefde de vraag om beter te kunnen inzetten op lokale contact- en bronopsporing, met als doel het tegenhouden van COVID-19-opflakkeringen.

Naar aanleiding van deze vraag heeft het agentschap Zorg en Gezondheid initieel drie scenario’s voorgesteld. In onze webinar werden de drie scenario's voor lokaal contactonderzoek beschreven: 

1.    Basisscenario 

2.    Complementair en ondersteunend scenario

3.    Zelfstandig scenario

 

Op basis van het overleg tussen het Vlaams Agentschap Zorg en Gezondheid en de lokale besturen, is gebleken dat het vasthouden aan drie prototypische scenario’s weinig meerwaarde biedt. Het inzicht groeide dat zorgraden – in nauwe samenwerking met de lokale besturen –de centrale contact- en bronopsporing kunnen versterken door tegelijkertijd van nabij lokale situaties te  volgen en aan te pakken. Op dit ogenblik kunnen lokale besturen complementair en ondersteunend werken of semi-autonoom werken.

 

A.     Complementair en ondersteunend werken

 Het lokaal bestuur focust zich op het sensibiliseren van haar burgers en ziet toe op en handhaaft de al bestaande maatregelen (zoals dragen van mondmaskers, regels voor veilige afstand in de horeca). Lokaal kan een enorme meerwaarde geboden worden in het sensibiliseren van met traditionele media moeilijk te bereiken doelgroepen, zoals anderstaligen, jongeren, mensen met een lager inkomen, mensen met een multiculturele achtergrond.

Daarnaast gaat een gemeente in deze piste actief lokale uitbraken beheren en complementair werken met het centrale contact- en opsporingswerk. Het centrale contactonderzoek blijft hierbij het leeuwendeel van de patiënten en hun contactpersonen contacteren. Zorgraden en lokale besturen vullen dit systeem aan door kwetsbare patiënten voor te bereiden op dit contactonderzoek en door hen te helpen bij het begrijpen van wat ze moeten doen (ook qua isolatie). In de moeilijkste gevallen geven ze zelf de contactpersonen door aan het centrale contactonderzoek.

Daarbovenop onderzoeken zorgraden en lokale besturen verbanden tussen patiënten en mogelijke risicolocaties (bronnen) om daar gerichte beleidsmaatregelen te nemen.

 

B.       Semi-autonoom contactonderzoek

Lokale besturen die nog meer willen doen dan het bovenstaande scenario, zetten daarbovenop een semi-autonoom contactopsporingssysteem op. Het gaat om een samenwerking tussen een lokaal opsporingssysteem en het centraal opsporingssysteem die allebei werken op één centraal dataplatform en met hetzelfde IT-systeem. De regio’s die voor dit systeem kozen, zijn Midwest, W13 en regio Mechelen. 

 

Extra steun

De Vlaamse Regering voorziet meer middelen voor de zorgraden die – in samenwerking met de lokale besturen –  inzetten op de lokale contact- en bronopsporing, ter versterking van de centrale contactopsporing en om adequaat te kunnen inspelen op specifieke lokale situaties. Elk van de 60 zorgraden krijgt een extra toelage van ruim 93 000 euro.

Ook wordt er 1 field agent per eerstelijnszone ingezet voor specifieke opdrachten in functie van het lokaal contactonderzoek. In totaal worden er dus 60 field agents van de centrale contactopsporing hiervoor ingezet.

De coördinatie en aansturing van deze field agents blijft ook centraal zodat ze kunnen worden ingezet in die eerstelijnszone waar de behoefte het grootste is (meeste besmettingen). Zij werken nauw samen met de COVID-19 teams van de eerstelijnszone.

Meer info

Wat met het beroepsgeheim van lokale medewerkers?

Je werkt in een lokaal bestuur en wordt buiten je positie opgebeld door een contactonderzoeker voor een besmetting in je nabije omgeving? Dat brengt wel wat moeilijkheden mee wanneer je functie onderhevig is aan het beroepsgeheim en je gevraagd wordt om je contacten te delen. We hebben voor deze specifieke situatie een leidraad opgesteld die je kan helpen om hier correct mee om te gaan.

Nuttige links