De rol van het OCMW in het inburgeringsbeleid
De juiste trajectbegeleiding in het belang van de cliënt
Inburgeren is Vlaamse materie. Mensen aan een baan helpen is een taak van de VDAB, eveneens een Vlaamse instelling maar met raakvlakken in federale regelgeving. Het OCMW staat dan weer in voor de hulpverlening aan mensen die niet rondkomen of die andere problemen hebben die ze alleen niet meer de baas kunnen. De OCMW-hulpverlening wordt door de federale overheid geregeld. Jammer genoeg was het niet mogelijk om de afstemming in de wet- en decreetgevende teksten te regelen. Bijgevolg kan een cliënt in de onfortuinlijke positie terecht komen dat hij moet inburgeren (of een boete betalen) en tegelijk een OCMW-traject moet volgen (omdat hij anders zijn leefloon of steun kwijtraakt).
Samenwerkingsprotocol OCMW, Onthaalbureau en VDAB
Om te vermijden dat de OCMW-cliënten de dupe worden van de overlappende regelgeving heeft Minister Marino Keulen die bevoegd is voor het Vlaamse inburgeringsbeleid de VVSG gevraagd om in samenwerking met de Cel Inburgering een model van samenwerkingsprotocol op te stellen. Dat legt vast in welke gevallen inburgeraars die klant zijn bij een OCMW, een inburgeringstraject moeten of kunnen volgen. Eind februari 2009 ondertekenden de toenmalige ministers Keulen en Vandenbroucke en de VVSG dit protocol. Deze afspraken houden rekening met de OCMW-opdrachten die de federale regelgeving oplegt. Ze komen ook maximaal tegemoet aan de wens van de Vlaamse overheid om de OCMW’s als partner bij het Vlaamse inburgeringsbeleid te betrekken.
Het protocol heeft als belangrijke troef dat mensen die door het OCMW naar een onthaalbureau doorverwezen worden om een inburgeringstraject te volgen niet onder de sanctieregeling van inburgering vallen. Het OCMW behoudt de discretionaire bevoegdheid om te bepalen of iemand een sanctie uit de federale OCMW-regelgeving krijgt of niet.
Korte Inhoud Protocol