Voor een sterk lokaal bestuur

Kies hieronder uw thema

Meting toont aan: bij openbare woonzorgcentra meer garanties op financieel toegankelijke zorg




​Het Agentschap Zorg en Gezondheid publiceerde de resultaten van de dagprijzenmeting 2017 in alle Vlaamse woonzorgcentra. Ten opzichte van 2016 steeg de gemiddelde dagprijs van 54,60 euro op 1 mei 2016 tot 56,30 euro op 1 mei 2017, of een stijging van zo'n 3%. De dagprijs in de Vlaamse woonzorgcentra stijgt dus sneller dan de dagprijs. Een correcte financiering van de zorg is noodzakelijk om de Vlaamse woonzorgcentra kwalitatief én financieel toegankelijk te houden.

Dagprijzen openbare woonzorgcentra 5% onder het Vlaams gemiddelde

Op 1 mei 2017 bedroeg de gemiddelde dagprijs in Vlaanderen 56,30 euro. De dagprijzen van de openbare woonzorgcentra liggen met een gemiddelde dagprijs van 53,66 euro zo'n 5% onder het Vlaamse gemiddelde. We stellen vast dat de gemiddelde dagprijs van de openbare woonzorgcentra 6% lager is dan de gemiddelde dagprijs in de vzw woonzorgcentrum, en 12% lager in vergelijking met de gemiddelde dagprijs in commerciële woonzorgcentra.

Wanneer we vergelijken met de dagprijzenmeting van 2016 stellen we vast dat de gemiddelde dagprijs in de openbare woonzorgcentra steeg met 1,43 euro, wat overeenkomt met een stijging van 2,7% (van 52,23 euro in 2016 naar 53,66 euro in 2017). Ter vergelijking: in de volledige sector steeg de gemiddelde dagprijs met 1,70 euro of 3,11% (van 54,60 euro tot 56,30 euro). De dagprijs in de openbare woonzorgcentra steeg dus minder sterk dan in de rest van de sector.

Ook in de openbare woonzorgcentra stijgt de dagprijs: hoe komt dat?

Een deel van de dagprijsstijging in de openbare sector is te verklaren door de stijging van de levensduurte. Tussen 1 mei 2016 en 1 mei 2017 steeg de consumptie-index met 1,92%. Wanneer we dit verrekenen in de stijging van de dagprijzen in de openbare woonzorgcentra, blijft er nog een reële dagprijsstijging van 0,82% (of 43 eurocent per dag) over. Deze stijging heeft verschillende verklaringen.

- Heel wat lokale besturen hebben de laatste jaren geïnvesteerd in hun infrastructuur. Ze openen gloednieuwe voorzieningen, met meer comfort voor de bewoners (o.a. stijging aantal eenpersoonskamers, stijging aantal vierkante meters per kamer, stijging aantal vierkante meters gemeenschappelijke ruimten). Deze investeringen worden voor een stuk doorgerekend in de dagprijs. Voor bestaande bewoners wordt het effect van zulke infrastructuurwerken op de dagprijs gemilderd, door een beperking van de dagprijsstijgingen bij verhuis naar een nieuwe infrastructuur.

- Vlaanderen investeert via RVT reconversie in een betere financiering voor bewoners met een zware zorgbehoefte, maar bezuinigt tegelijkertijd. De lineaire correctie op het instellingsforfait en op de tegemoetkoming derde luik, en de hervorming van de animatiesubsidiëring en infrastructuursubsidiëring, die beiden ook een besparing inhielden, verhogen de druk op de besturen om de inkomsten uit de bewonersbijdrage bij te stellen.

- Er zijn lokale besturen die na enkele jaren van onveranderd beleid de prijszetting van hun woonzorgcentrum herbekijken en prijsaanpassingen doorvoeren. Lokale besturen willen de kloof tussen de openbare en de private sector verkleinen, waardoor een stijging van de (soms historisch lage) dagprijzen zich opdringt.

- De anciënniteit van het personeel in de openbare woonzorgcentra stijgt. Omdat de subsidiering van de Vlaamse overheid niet de volledige loonkost van het personeel dekt, rekenen de voorzieningen een deel van de hogere loonkost door in de dagprijs.

- Tot slot waren veranderingen in het aanbod van externe leveranciers (bv. de overschakeling van analoge televisie naar digitale televisie) in menig woonzorgcentra aanleiding voor een lichte stijging van de dagprijs.

Niet op onze lauweren rusten

De openbare woonzorgcentra blijven, in vergelijking met de rest van de sector, de laagste financiële drempel hebben. Uiteraard zijn er verschillen naargelang de regio, het kamertype en de leeftijd van de infrastructuur.

Toch mag deze vaststelling ons niet op onze lauweren laten rusten. Blijven investeren in betaalbare, toegankelijke ouderenzorg is noodzakelijk! De Vlaamse Regering investeerde in 2017 bijkomend 11 miljoen euro in een betere financiering van de zorgzwaarte. We pleiten voor een financieel meerjarenengagement van de regering, zodat de volledige sector zicht krijgt op een correcte financiering van de zorgzwaarte van haar bewoners. Deze pleidooi onderbouwden we vandaag ook in de Commissie Welzijn van het Vlaams Parlement tijdens een hoorzitting over de financiering van de toegenomen zorgzwaarte in de thuis- en ouderenzorg.

Daarnaast investeren ook heel wat lokale besturen zelf in de ouderenzorg, bovenop de Vlaamse subsidies en bovenop de inkomsten vanuit de dagprijs. Deze investeringen blijven belangrijk. Investeren in publieke zorg is immers investeren in zorg en ondersteuning voor de meest kwetsbare groepen, in een laagdrempelige en toegankelijk zorg- en dienstverleningsaanbod, in tewerkstelling.

Navigatie