Voor een sterk lokaal bestuur

Kies hieronder uw thema

Ruim 30 huishoudens per dag met uithuiszetting bedreigd in Vlaanderen




​​In 2017 werden in Vlaanderen naar schatting 11.557 huurders bedreigd met uithuiszetting. Dat zijn 30 huishoudens per dag, iets minder dan het jaar voordien (12.242 in totaal). Nochtans is behoorlijke huisvesting een grondrecht. De Vereniging van Vlaamse Steden en Gemeenten (VVSG) herhaalt daarom haar vraag om onder meer de laagste inkomens op te trekken tot minstens het niveau van de Europese armoedegrens, en Vlaamse huurtoelagen uit te breiden voor wie toch op de private huurmarkt aangewezen blijft. Er moeten ook meer sociale woningen komen.

In 2017 werden in Vlaanderen 11.557 huishoudens bedreigd met uithuiszetting. Het gaat dan om huurders waarvan de verhuurder naar het vredegerecht stapt om het huurcontract te laten ontbinden, vaak omdat de huur niet betaald wordt. Het vredegerecht verwittigt de OCMW's in de hoop dat zij nog een oplossing kunnen vinden maar doorgaans is het conflict dermate geëscaleerd dat een oplossing moeilijk wordt. In de praktijk eindigt het geschil dan met het verlaten van de woning, al dan niet gedwongen. Mensen komen dan terecht bij familie, vrienden, crisisopvang of ten slotte de straat.

Het inkomen van veel van deze huurders is te laag om basiskosten als huur en energie te betalen. 'Wie een leefloon of een andere minimumuitkering heeft, moet nu vaak meer dan 40% van zijn inkomen aan huur besteden, zeker op de private huurmarkt. Daar komt dan ook nog water en energie bij. Zij komen automatisch in de problemen,' zegt Nathalie Debast, persverantwoordelijke van de VVSG. Ook tussenkomsten in de huur die OCMW's geven, lossen de problemen niet ten gronde op. OCMW's moeten ook meer mogelijkheden krijgen om mensen met woonproblemen te begeleiden. 'Een uithuiszetting lost niets op, er is immers geen alternatief beschikbaar. Alle overheden samen moeten maatregelen nemen zodat ook mensen met een laag inkomen hun woning kunnen behouden,' aldus Debast.

De VVSG vraagt de centrale overheden dan ook te zorgen voor:

  • ​hogere minimumuitkeringen met voldoende spanning met inkomen uit arbeid
  • uitbreiding van de huursubsidie en -huurpremie
  • betere werking van het Huurgarantiefonds dat verhuurders (tijdelijk) beschermt tegen wanbetaling van hun huurders.
  • oprichting van een Centraal Huurwaarborgfonds
  • ondersteuning van de OCMW's om mensen met woonproblemen te begeleiden en oplossingen te zoeken.

Zowel centrale overheden als lokale besturen moeten ook nog meer inzetten op sociale woningen, inclusief een versterking van de Sociale Verhuurkantoren (SVK’s).

* Cijfer gebaseerd op eigen VVSG-bevraging OCMW-barometer-woonbeleid 2017

Navigatie