Voor een sterk lokaal bestuur

Kies hieronder uw thema

Beroepsgeheim niet langer geschonden bij casusoverleg




De Kamer heeft op donderdag 29 juni de zogenaamde "Potpourri V-wet" goedgekeurd. Deze wet voegt het artikel 458ter toe aan het Strafwetboek: dit artikel laat toe dat personen die samen overleggen over een casus informatie kunnen uitwisselen zonder dat ze hun beroepsgeheim schenden. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn bij een casusoverleg tussen hulpverleners, politie en parket bij intrafamiliaal geweld. Deze nieuwe regeling moet de informatie-uitwisseling tussen hulpverleners, politie en bestuur in het LIVC (Lokale Integrale Veiligheidscel) bij de aanpak van radicalisering ook mogelijk maken zonder dat ze hun beroepsgeheim schenden. Er gelden wel een aantal voorwaarden bij het casusoverleg:

  •  Zo moet het overleg een wettelijke basis hebben of georganiseerd worden met toestemming van de Procureur des Konings.
  • Vooraf moet ook bepaald worden wie aan het overleg kan deelnemen, waarom ze overleggen en wat de modaliteiten zijn.
  • Daarnaast moet het overleg de bescherming van de fysieke en psychische integriteit van personen tot doel hebben of dient het overleg om bepaalde misdrijven te voorkomen.
  • De deelnemers aan het overleg moeten de inhoud van het overleg geheim houden. Het nieuwe artikel zal binnenkort gepubliceerd worden in het Staatsblad en treedt daarna in werking.

Het volledige wetsontwerp kan u hier (p. 129) lezen, de laatste plenaire bespreking hier.

Het nieuwe artikel 458ter   van het Strafwetboek zoals het in het Staatsblad zal verschijnen:

"Art. 458ter. § 1. Er is geen misdrijf wanneer iemand die uit hoofde van zijn staat of beroep houder is van geheimen, deze meedeelt in het kader van een overleg dat wordt georganiseerd, hetzij bij of krachtens een wet, decreet of ordonnantie, hetzij bij een met redenen omklede toestemming van de procureur des Konings.

Dit overleg kan uitsluitend worden georganiseerd, hetzij met het oog op de bescherming van de fysieke en psychische integriteit van de persoon of van derden, hetzij ter voorkoming van de misdrijven bedoeld in Titel Iter van Boek II of van de misdrijven gepleegd in het raam van een criminele organisatie, zoals bepaald in artikel 324bis. 

De in het eerste lid bedoelde wet, decreet of ordonnantie, of de met redenen omklede toestemming van de procureur des Konings bepalen ten minste wie aan het overleg kan deelnemen, met welke finaliteit en volgens welke modaliteiten het overleg zal plaatsvinden.

§ 2. De deelnemers zijn tot geheimhouding verplicht wat betreft de tijdens het overleg meegedeelde geheimen.

Eenieder die dit geheim schendt, wordt gestraft met de straffen bepaald in artikel 458.

De geheimen die tijdens dit overleg worden meegedeeld, kunnen slechts aanleiding geven tot de strafrechtelijke vervolging van de misdrijven waarvoor het overleg werd georganiseerd."

Koen.vanheddeghem@vvsg.be

Navigatie