Voor een sterk lokaal bestuur

Kies hieronder uw thema

Statuut lokale mandatarissen: nieuw besluit goedgekeurd




Op 6 juli keurde de Vlaamse Regering definitief het Besluit houdende het statuut van de lokale mandataris goed. Het gaat om een codificatie van vier andere besluiten (BVR 4 juni 2004 (IGS), BVR 19 januari 2007 (niet-financieel statuut - inforumnr. 216712), BVR 5 juni 2009 (bezoldigingsregeling - inforumnr. 239268) en BVR 5 juni 2009 (2) (tucht- inforumnr. 239272)), met ook enkele  nieuwe elementen (o.a. de uittredingsvergoeding, de compensatie van de persoonlijke bijdragen voor de sociale zekerheid en de pensioenen van lokale uitvoerende mandatarissen).

Het goede nieuws is dat dit besluit enkele reeds lang verwachte actualisaties (bv. over eretitels) en uitvoeringsbepalingen (bv. de uittredingsvergoeding) bevat. Het besluit is gelukkig ook vóór het zomerreces klaar, zodat mandatarissen met plannen voor 14 oktober (en erna)  weten waar ze aan toe zijn.


Onbeantwoorde vragen

Minder goed is dat het besluit geen echte keuzes ten gronde bevat. Zo is de VVSG al lang vragende partij voor een debat over de herwaardering van het statuut van raadsleden. Dit is nog urgenter geworden door de hervormingen in het Decreet Lokaal Bestuur, waarbij hun taak  fors wordt uitgebreid. Minister Homans ging, zo bleek uit haar antwoord op enkele recente parlementaire vragen, echter niet in op een vraag naar een herwaardering van het bijbehorende statuut. Op financieel vlak blijft bijvoorbeeld alles hetzelfde, en van een sociale bescherming van raadsleden is geen sprake.

In zekere zin is dit ook niet onlogisch, aangezien verschillende aspecten van dit statuut niet op Vlaams maar op federaal niveau zitten. Zo zijn momenteel nog besprekingen lopende over het politiek verlof voor lokale mandatarissen. Helaas laat de beperkte tijdspanne ook hier weinig fundamentele aanpassingen toe en moet vooral gefocust worden op het conformeren aan de nieuwe regels van het Decreet Lokaal Bestuur en de uitvoeringsbesluiten. De VVSG blijft echter vragende partij voor een debat ten gronde met alle betrokken Vlaamse en federale diensten en ministers.

Daarnaast blijven ook heel wat vragen onbeantwoord in het besluit. Zo is de regeling voor de compensatie van de persoonlijke bijdragen voor de sociale zekerheid en de pensioenen van lokale mandatarissen eerder wankel, hoewel ze raakt aan een terechte bekommernis (de financiële bestraffing van mandatarissen die voluit kiezen voor hun mandaat opvangen). De vraag hoe dit strookt met de federale regelgeving, en de vraag naar het waarom van de terugbetaling van de pensioenbijdragen en over het onduidelijke statuut van deze terugbetaling (bv. op fiscaal vlak), blijven echter onbeantwoord. Ook de financiële repercussies op de lokale besturen werden niet onderzocht.


Uittredingsvergoeding verstrengd

Daarnaast bevatten de bepalingen over de uittredingsvergoeding, die reeds enkele jaren virtueel in het Gemeentedecreet stonden en nu in art. 149 Decreet Lokaal Bestuur werden opgenomen, een opvallende verstrenging ten opzichte van het decreet. Een uittredingsvergoeding blijkt op basis van het besluit alleen mogelijk bijde  vernieuwing van de raden, bij het bereiken van de einddatum in de voordrachtakte of om medische redenen. Deze verstrenging is bovendien gekoppeld aan enkele voorwaarden die voor nieuwe discussies kunnen zorgen (bv. over wat 'langdurige arbeidsongeschiktheid' is, cf. art. 14 van het besluit). Wel duidelijk is nu dat de uittredingsvergoeding ook (deels) vervalt wanneer een vervangingsinkomen wordt genoten, en dat de laatst ontvangen jaarwedde als uitgangspunt zal dienen voor de berekening.

Het zijn enkele van de zaken, waarover de VVSG de komende tijd nog meer duidelijkheid wil krijgen. Voor een debat ten gronde is het zo dicht bij de start van de nieuwe legislatuur te laat, maar toch blijft er nood aan een forum waarop alle aspecten van het statuut van de lokale mandataris over de verschillende beleidsniveaus en -domeinen heen aan bod kunnen komen. De vele geëngageerde lokale politici hebben er recht op. .

David Vanholsbeeck 

Navigatie