Voor een sterk lokaal bestuur

Op zoek naar een presentatie van #VVSGtrefdag?

Kies hieronder uw thema

Eén loket

Wat?

De Dienstenrichtlijn schrijft voor dat elke dienstverlener via één aanspreekpunt alle (vergunnings-)procedures en formaliteiten kan afwikkelen (vraag- en antwoordfunctie). Bij dit centrale aanspreekpunt moet ook alle relevante informatie kunnen worden verkregen (raadpleegfunctie). Een dergelijk centraal aanspreekpunt vereenvoudigt de toegang tot en de uitoefening van dienstenactiviteiten voor elke (buitenlandse) dienstverlener.

Stand van zaken

Federaal niveau: één loket - omzettingswet

Op 24 december 2009 verscheen in het staatsblad volgende wet die op 7 december werd goedgekeurd, nl. de wet tot wijziging van de wet van 16 januari 2003 tot oprichting van een Kruispuntbank van Ondernemingen, tot modernisering van het handelsregister, tot oprichting van erkende ondernemingsloketten en houdende diverse bepalingen, wat de taken van het één loket betreft.
Deze wet geeft, in het bijzonder op federaal vlak, de taken van het één-loket aan de ondernemingsloketten, die in 2003 werden opgericht.  De wet verbetert eveneens de huidige werking van de ondernemingsloketten.

Op 30 december werd de wet van 16 januari 2003 nogmaals gewijzigd, via een wet houdende diverse bepalingen.  Meer bepaald werden de begrippen handelsonderneming en ambachtsonderneming aangepast aan de dienstenrichtlijn.  Dit heeft onder meer tot gevolg dat dienstverrichters die enkel handelen in het kader van het vrij verrichten van diensten en dus geen vestigingseenheid hebben in België, zich niet bij een ondernemingsloket moeten inschrijven.

 

Vlaams niveau

In Vlaanderen ligt volgende constructie voor:

  • Front-office: de huidige erkende ondernemingsloketten (EOL)
  • Middle-office: het Agentschap Ondernemen (AO)
  • Back-office: onder meer de lokale besturen

Om het welslagen van deze invulling te realiseren is informatie-uitwisseling tussen de verschillende niveaus in beide richtingen onontbeerlijk. Deze nieuwe invulling heeft ongetwijfeld repercussies op de werking van een dienst economie binnen het lokaal bestuur.

Ter omzetting van de één-loketverplichtingen is er het besluit van de Vlaamse Regering van 11 december 2009 (BS 15 maart 2010).  


Belangrijkste bepalingen voor de lokale besturen:

  • Personen of bedrijven die diensten verrichten, kunnen zich door een erkend ondernemingsloket (EOL) laten vertegenwoordigen bij de toezichthoudende instanties.  Dat zijn instanties die vergunningen en erkenningen verlenen en daarop toezicht houden, of die toezicht houden op de naleving van andere formele procedures.  De ondernemingsloketten hoeven niet telkens te bewijzen dat ze optreden namens die personen of bedrijven.
  • De ondernemingsloketten krijgen geen nieuwe formele bevoegdheden. De toezichthoudende instanties behouden hun huidige beslissingsbevoegdheid.
  • Als de ondernemingsloketten documenten elektronisch ontvangen en per post doorsturen, dan zijn deze evenzeer ontvankelijk. De dienst die de procedure behandelt, kan dat niet betwisten.  Dat geldt voor alle procedures die door Vlaamse regelgevers (dus ook provincies en gemeenten) zijn vastgelegd.
  • Het één loket behandelt binnenlandse en buitenlandse bedrijven gelijk. Dat vloeit voort uit het gelijkheidsbeginsel.

 

Meer informatie

Navigatie