Voor een sterk lokaal bestuur

Kies hieronder uw thema

Bijkomende afvalovens ongewenst in Vlaanderen
Machtigingen beherenMachtigingen beheren

De Vlaamse gemeenten en afvalintercommunales zien in Vlaanderen geen plaats meer voor nieuwe afvalovens. Bijkomende verbrandingscapaciteit is een bedreiging voor de stabiliteit van de afvalverwerking in Vlaanderen. In het slechtste scenario zou het er zelfs voor kunnen zorgen dat er weer meer recycleerbaar afval verbrand zou worden.

Vlaanderen heeft jarenlang een traditie gekend van een krappe planning van de afvalverwerkingscapaciteit; er werd zeker geen overschot aan afvalverbrandingsinstallaties gebouwd. Dat zorgde er voor dat er een stimulans bleef voor recyclage en de bestaande installaties zo efficiënt mogelijk werden benut. Het afgelopen jaar waren er problemen om de bestaande installaties maximaal in te vullen. Zelfs met een volledige sluiting van de stortplaatsen bleek er soms nog te weinig restafval te zijn. Toch circuleren er vandaag niet minder dan zes concurrerende projectvoorstellen voor nieuwe installaties die de Vlaamse afvalverbrandingscapaciteit met meer dan 30% zouden verhogen. En binnenkort treden er al twee bijkomende afvalovens in werking (Electrawinds en Stora Enso). Vandaag is er ook al een duidelijke overcapaciteit in Nederland, Duitsland en Wallonië, waardoor bedrijfsafval nu al geëxporteerd wordt. De huidige evoluties dreigen het Vlaamse beleid onder druk te zetten wat de kosten voor de gezinnen kan opdrijven. Tegelijk dreigen er zelfs recycleerbare fracties naar afvalverbranding te zullen gaan. Dat is al helemaal ongewenst. Voor de Vlaamse gemeenten en intercommunales is het daarom duidelijk: in Vlaanderen is er geen plaats meer voor nieuwe afvalovens. Tegelijkertijd vraagt de VVSG dat een aantal belangrijke randvoorwaarden gegarandeerd blijven bij het beheer van de bestaande installaties. Lokale besturen hebben recht op een vlotte toegang tot de installaties en een transparante prijsbepaling binnen de huidige verwerkingscapaciteit.
Bijlagen: